Exodus 32:11 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 11 Toen vermurwde Mo̱zes het aangezicht van Jehovah, zijn God,+ en zei: „Waarom, o Jehovah, zou uw toorn+ ontbranden tegen uw volk dat gij met grote kracht en met een sterke hand uit het land Egy̱pte hebt geleid? Psalm 99:6 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 6 Mo̱zes en Aä̱ron waren onder zijn priesters,+En Sa̱muël onder hen die zijn naam aanriepen.+Zij riepen tot Jehovah, en hijzelf bleef hun antwoorden.+
11 Toen vermurwde Mo̱zes het aangezicht van Jehovah, zijn God,+ en zei: „Waarom, o Jehovah, zou uw toorn+ ontbranden tegen uw volk dat gij met grote kracht en met een sterke hand uit het land Egy̱pte hebt geleid?
6 Mo̱zes en Aä̱ron waren onder zijn priesters,+En Sa̱muël onder hen die zijn naam aanriepen.+Zij riepen tot Jehovah, en hijzelf bleef hun antwoorden.+