25 Toen daalde Jehovah neer in een wolk+ en sprak tot hem+ en nam wat van de geest+ die op hem was weg en legde die op elk van de zeventig oudere mannen.* Nu geschiedde het dat zodra de geest op hen kwam te rusten, zij als profeten gingen optreden; maar zij deden het niet weer.*+
9 Nu gebeurde het dat zodra zij aan de overkant gekomen waren, Eli̱a zelf tot Eli̱sa zei: „Vraag wat ik voor u dien te doen voordat ik van u weggenomen word.”+ Hierop zei Eli̱sa: „Dat alstublieft twee delen+ van uw geest+ op mij mogen komen.”+
2 En op hem moet de geest* van Jehovah komen te rusten,+ de geest van wijsheid+ en van verstand,+ de geest van raad en van kracht,+ de geest van kennis+ en van de vrees voor Jehovah;+