Deuteronomium 32:41 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 41 Indien ik mijn bliksemend zwaard* inderdaad scherp,+En mijn hand naar het gericht grijpt,+Wil ik wraak oefenen aan mijn tegenstanders+En vergelding brengen over hen die mij intens haten.+ Ezechiël 21:9 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 9 „Mensenzoon, profeteer, en gij moet zeggen: ’Dit heeft Jehovah* gezegd: „Zeg: ’Een zwaard, een zwaard!+ Het is gescherpt+ en het is ook gepolijst.
41 Indien ik mijn bliksemend zwaard* inderdaad scherp,+En mijn hand naar het gericht grijpt,+Wil ik wraak oefenen aan mijn tegenstanders+En vergelding brengen over hen die mij intens haten.+
9 „Mensenzoon, profeteer, en gij moet zeggen: ’Dit heeft Jehovah* gezegd: „Zeg: ’Een zwaard, een zwaard!+ Het is gescherpt+ en het is ook gepolijst.