Leviticus 19:2 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 2 „Spreek tot de gehele vergadering van de zonen van I̱sraël, en gij moet tot hen zeggen: ’GIJ dient U heilig te betonen,+ want ik, Jehovah, UW God, ben heilig.+ 1 Petrus 1:16 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 16 want er staat geschreven: „GIJ moet heilig zijn, want ik ben heilig.”+
2 „Spreek tot de gehele vergadering van de zonen van I̱sraël, en gij moet tot hen zeggen: ’GIJ dient U heilig te betonen,+ want ik, Jehovah, UW God, ben heilig.+