-
Ezra 7:28Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen
-
-
28 En jegens mij heeft hij liefderijke goedheid* bewezen+ voor het aangezicht van de koning en zijn raadslieden+ en met betrekking tot alle machtige vorsten van de koning. En ik, van mijn kant, sterkte mij, naar de hand+ van Jehovah, mijn God, over mij, en ik bracht voorts uit I̱sraël de hoofden bijeen om met mij op te trekken.
-
-
Psalm 68:7Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen
-
-
7 O God, toen gij vóór uw volk uittrokt,+
Toen gij door de woestijn schreedt+ — Sela —
-
Jesaja 11:11Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen
-
-
11 En het moet geschieden op die dag dat Jehovah* wederom zijn hand zal bieden, een tweede maal,+ om het overblijfsel* van zijn volk te verwerven, dat zal overblijven uit Assy̱rië+ en uit Egy̱pte+ en uit Pa̱thros+ en uit Kusch*+ en uit E̱lam+ en uit Si̱near*+ en uit Ha̱math en van de eilanden der zee.+
-
-
Zacharia 8:23Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen
-
-
23 Dit heeft Jehovah der legerscharen gezegd: ’Het zal zijn in die dagen dat tien mannen* uit alle talen* der natiën+ zullen vastgrijpen,+ ja, zij zullen werkelijk de slip vastgrijpen van een man* die een jood* is,+ en zeggen: „Wij willen met ulieden gaan,+ want wij hebben gehoord [dat] God* met ulieden is.”’”+
-
-
-