16 Want als vuur zal Jehovah zelf werkelijk het geschil opnemen, ja, met zijn zwaard,+ tegen alle vlees; en de door Jehovah verslagenen zullen stellig vele worden.+
12 Over alle veel betreden paden door de wildernis zijn de gewelddadige plunderaars gekomen. Want het zwaard dat aan Jehovah behoort, verslindt van het ene einde van het land zelfs tot het andere einde van het land.+ Er is geen vrede voor enig vlees.
4 En indien zij voor hun vijanden uit in gevangenschap gaan, vandaar zal ik het zwaard gebieden en het moet hen doden;+ en ik wil mijn ogen op hen richten ten kwade en niet ten goede.+