15 totdat over ons de geest wordt uitgestort van omhoog,+ en de wildernis een boomgaard geworden zal zijn en de boomgaard zelf een waar woud wordt geacht.+
3 Want ik zal water uitgieten op de dorstige+ en druppelende stromen op de droge plaats.+ Ik zal mijn geest uitgieten op uw zaad,*+ en mijn zegen op uw nakomelingen.
29 En ik zal niet langer mijn aangezicht voor hen verbergen,+ omdat ik mijn geest wil uitstorten over het huis van I̱sraël’,+ is de uitspraak van de Soevereine Heer Jehovah.”
17 ’„En in de laatste dagen”, zegt God, „zal ik wat van mijn geest* uitstorten+ op alle soorten van vlees,* en UW zonen en UW dochters zullen profeteren en UW jonge mannen zullen visioenen zien en UW oude mannen* zullen dromen dromen;+