18 En de berg Si̱naï stond geheel in rook,+ wegens het feit dat Jehovah in vuur daarop neerdaalde;+ en de rook ervan bleef opstijgen als de rook van een kalkoven,+ en de gehele berg beefde zeer.+
14 En over hen zal Jehovah zelf gezien worden,+ en zijn pijl zal stellig uitschieten net als de bliksem.+ En de Soevereine Heer Jehovah zal zelf op de hoorn* blazen,+ en hij zal stellig voorttrekken met de zuiderstormen.*+