18 Een profeet zal ik voor hen verwekken uit het midden van hun broeders, gelijk gij;+ en ik zal inderdaad mijn woorden in zijn mond leggen,+ en hij zal stellig tot hen spreken alles wat ik hem gebieden zal.+
10 Gelooft gij niet dat ik in eendracht met de Vader ben en de Vader in eendracht met mij is?+ De dingen die ik tot ulieden zeg, spreek ik niet uit mijzelf; maar de Vader, die in eendracht met mij blijft, doet zijn werken.+