28 Wie steelt, stele niet meer,+ maar laat hij liever hard werken, door met zijn handen goed werk te doen,+ opdat hij iets aan een behoeftige kan uitdelen.+
27 De vorm van aanbidding* die van het standpunt van onze God en Vader uit bezien rein+ en onbesmet+ is, is deze: voor wezen*+ en weduwen+ zorgen in hun verdrukking+ en zichzelf onbevlekt+ van de wereld bewaren.+