19 Wanneer zelfs het volk in Si̱on+ in Jeru̱zalem zal wonen,+ zult gij* geenszins wenen.+ Hij* zal u zonder mankeren gunst betonen op het geluid van uw geroep; zodra hij het hoort, zal hij u werkelijk antwoorden.+
4 Of veracht gij de rijkdom van zijn goedheid+ en verdraagzaamheid+ en lankmoedigheid,+ omdat gij niet weet dat de goedgunstige [hoedanigheid] van God u tot berouw* tracht te brengen?+