14 Toen werd Jehovah zo woedend dat hij Israël in handen liet vallen van plunderaars die hen beroofden.+ Hij leverde het volk over* aan de vijanden om hen heen+ en ze konden niet langer tegen hun vijanden standhouden.+
10 De Filistijnen gingen de strijd aan. De Israëlieten werden verslagen+ en vluchtten allemaal naar hun eigen tent. Er vielen veel slachtoffers; aan de kant van Israël sneuvelde 30.000 man voetvolk.