Weet u dat?
(De antwoorden van deze quiz zijn te vinden in de vermelde bijbelcitaten, en de volledige lijst met antwoorden staat op bladzijde 14. Raadpleeg voor aanvullende informatie de publicatie „Inzicht in de Schrift”, verkrijgbaar bij het Wachttoren-, Bijbel- en Traktaatgenootschap in Emmen.)
1. Welke uitdrukking wordt vaak gebruikt om de stad Jeruzalem en haar inwoners aan te duiden? (Zacharia 9:9)
2. Vanuit welke havenstad in Klein-Azië vertrok Paulus toen hij aan het eind van zijn eerste zendingsreis naar Syrisch Antiochië terugkeerde? (Handelingen 14:25, 26)
3. Over welke twee mannen was het volk van het tienstammenrijk verdeeld met betrekking tot de vraag wie de zesde koning van Israël moest zijn? (1 Koningen 16:21, 22)
4. Wat was het derde uitkijkpunt waar koning Balak de profeet Bileam mee naartoe nam toen hij probeerde hem ertoe te krijgen Israël te vervloeken? (Numeri 23:28)
5. Wie van de twaalf zonen van Jakob had een naam die „Goed fortuin” betekent? (Genesis 30:11)
6. Op welke caesar — die later het bevel gaf hem ter dood te brengen — deed Paulus een beroep? (Zie Handelingen 25:11, 21, voetnoot)
7. Wat moest aan alles wat er op het altaar aan Jehovah geofferd werd, worden toegevoegd? (Leviticus 2:13)
8. Welk belangrijke werk moest er volgens Jezus’ profetie gebeuren voordat het einde van dit samenstel van dingen plaatsvindt? (Mattheüs 24:3, 14)
9. In welke joodse maand voltooide Nehemia de 52 dagen durende herbouw van de muren van Jeruzalem? (Nehemia 6:15)
10. Waarom gingen de vrouwen terug naar Jezus’ graf op de tweede dag nadat hij erin was gelegd en het graf was verzegeld? (Lukas 23:55–24:3)
11. In welke joodse maand voltooide Salomo de bouw van de tempel? (1 Koningen 6:38)
12. Wat deed David toen hij vernam dat zijn eerstgeboren zoon bij Bathseba was gestorven? (2 Samuël 12:20-23)
13. Waardoor waren sommige mannen in Jezus’ tijd in staat bovenmenselijke kracht tentoon te spreiden? (Markus 5:3, 4, 15)
14. Wat is volgens de apostel Paulus het voordeel wanneer wij ons laten oefenen door streng onderricht? (Hebreeën 12:11)
15. Welke vogel heeft, in tegenstelling tot de meeste andere vogels, ogen die allebei strak naar voren kijken, waardoor hij een voorwerp met beide ogen tegelijk kan zien? (Psalm 102:6)
16. Wat zal in tegenstelling tot wereldse bezittingen baten op de dag van Gods verbolgenheid? (Spreuken 11:4)
17. Welke houding moeten wij volgens Jezus als Gods dienstknechten hebben wanneer wij het ons opgedragen werk doen? (Lukas 17:9, 10)
18. Welke moedige stappen ondernam koning Asa in verband met het ’afschuwelijke afgodsbeeld voor de heilige paal’ dat zijn grootmoeder Maächa had gemaakt? (1 Koningen 15:13)
19. Waarom drong Jezus er bij degenen die zwaarbelast waren op aan zijn juk op zich te nemen? (Mattheüs 11:30)
20. Op welke plek zag Mozes het Beloofde Land en stierf hij vervolgens? (Deuteronomium 32:49, 50)
Antwoorden van de quiz
1. Dochter van Sion
2. Attalia
3. Tibni en Omri
4. Peor
5. Gad
6. Nero
7. Zout
8. Het „goede nieuws van het koninkrijk zal op de gehele bewoonde aarde worden gepredikt”
9. Elul
10. Om zijn lichaam verder met oliën en specerijen te conserveren
11. Bul
12. Hij hield op met vasten en wenen en begon te eten
13. Zij waren door demonen bezeten
14. Het zal ’een vreedzame vrucht afwerpen, namelijk rechtvaardigheid’
15. De uil
16. Rechtvaardigheid
17. Dat het een voorrecht is en dat wij slechts doen wat wij moeten doen
18. Hij hieuw het afgodsbeeld om en verbrandde het, en ontzette haar uit de waardigheid van „vrouwe” of koningin-moeder in het koninkrijk
19. Het zou hen verkwikken, omdat zijn juk weldadig en zijn vracht licht is
20. De berg Nebo