LIED 163
‘Jullie zijn gelukkig’
1. Jezus deelde graag wat hij wist.
Wat hij zei was mooi, nieuw en fris.
Iedereen die bij hem was stond echt versteld.
‘Heb je vijand lief.’ ‘Oordeel niet.’
‘Als je bidt, doe dat ongezien.’
Onvergetelijk, die dag daar op die berg.
(REFREIN)
Wat voel ik me toch rijk,
want Jehovah helpt mij
om te snappen wat Jezus zei.
Hij wil echt dat wij gelukkig zijn!
2. Soms ben ik bezorgd of gestrest.
Maar dan denk ik aan Jezus’ les:
‘Alle lelies in het veld zijn mooi gekleed.’
Dus Jehovah zorgt ook voor mij.
Wat ik nodig heb, geeft hij mij.
En dat weet hij al voordat ik het zelf weet.
(REFREIN)
Wat voel ik me toch rijk,
want Jehovah helpt mij
om te snappen wat Jezus zei.
Hij wil echt dat wij gelukkig zijn!
3. Ik bouw op een rots, niet op zand.
Ook al stormt het soms, ik hou stand.
Met zijn Woord, zijn wijsheid helpt Jehovah mij.
Ja, de weg is smal en soms zwaar.
Maar we lopen door met elkaar
tot we samen in de nieuwe wereld zijn!
(REFREIN)
Wat voel ik me toch rijk,
want Jehovah helpt mij
om te snappen wat Jezus zei.
Hij wil echt dat wij gelukkig zijn!
(Zie ook Matth. 7:24.)