Een wijze spreuk
„Het zijn de lippen van de rechtvaardige die velen blijven weiden, maar door gebrek aan hart blijven de dwázen sterven.” — Spr. 10:21.
Op het eerste gezicht lijkt het misschien dat deze spreuk voornamelijk over het gebruik van de tong gaat, maar er zit feitelijk een diepere betekenis achter. Ze heeft te maken met hoe iemands hart is en wat voor invloed dat heeft.
Iemand die zich van zijn geestelijke nood bewust is en die ernaar streeft zowel die nood te lenigen alsook in overeenstemming ermee te leven, is een zegen voor de mensen in zijn omgeving. Hij waardeert Jehovah’s raad en beginselen. De manier waarop hij zijn lippen gebruikt, en de reden waarvoor, tonen dit aan.
Maar wat wordt er bedoeld met ’de rechtvaardige die velen blijft weiden’? Sommige bijbelvertalingen geven dit weer met ’anderen blijven „voeden”’. Maar het Hebreeuwse woord dat hier wordt gebruikt, betekent meer dan alleen maar „voeden”. Het bergt de gedachte van zowel leiden als voederen in zich, ongeveer zoals een schaapherder uit de oudheid voor zijn schapen zorgde (1 Sam. 16:11; Ps. 23:1-3; Hoogl. 1:7) Zo is iemand die rechtvaardig is. Hij leidt of stuurt anderen naar de weg van deugd en rechtvaardigheid, zijn spraak voedt degenen die naar hem luisteren. Als gevolg daarvan kunnen zij een gelukkiger en meer voldoeningschenkend leven leiden. En misschien verwerven zij eeuwig leven.
Wat een tegenstelling bestaat er echter met degene die „gebrek aan hart” heeft! Hij laat zien dat hij geen goede motieven heeft en dat het hem weinig kan schelen wat de gevolgen van zijn handelwijze zijn. Kent u niet veel van zulke mensen die als levensbeschouwing hebben: ’Gods water over Gods akker laten lopen’? Zo iemand doet waar hij zelf zin in heeft, zonder te denken aan de consequenties in de toekomst. Omdat hij de straf voor zijn handelwijze niet overdenkt, wordt hij er vaak zelf het slachtoffer van. Terwijl de rechtvaardige ertoe bijdraagt dat anderen in leven blijven, kan degene met gebrek aan hart nog niet eens zichzelf in leven houden.