Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w95 15/10 blz. 9-13
  • Waarom nu de ware God vrezen?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Waarom nu de ware God vrezen?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1995
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Een verbijsterend machtsvertoon
  • Blijk geven van onze vrees voor God
  • De resultaten als wij God nu vrezen
  • Vrees Jehovah en verheerlijk zijn heilige naam
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1992
  • Ontwikkel uw hart om Jehovah te vrezen
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2001
  • Vrees voor God — Kan het u tot voordeel strekken?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1987
  • Waarom moeten wij God vrezen?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1989
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1995
w95 15/10 blz. 9-13

Waarom nu de ware God vrezen?

„Vrees de ware God en onderhoud zijn geboden. Want dit is de gehele verplichting van de mens.” — PREDIKER 12:13.

1, 2. Waarom is het passend een juiste vrees voor God te hebben?

EEN gezonde en eerbiedige vrees voor God is goed voor de mens. Ja, hoewel veel menselijke angsten ons emotioneel van ons stuk brengen, zelfs nadelig zijn voor ons welzijn, is het goed voor ons om Jehovah God te vrezen. — Psalm 112:1; Prediker 8:12.

2 De Schepper weet dit. Uit liefde voor zijn schepping gebiedt hij allen hem te vrezen en hem te aanbidden. Wij lezen: „Ik zag een andere engel in het midden van de hemel vliegen, en hij had eeuwig goed nieuws, om dat als blijde tijdingen bekend te maken aan hen die op de aarde wonen, en aan elke natie en stam en taal en elk volk, en hij zei met een luide stem: ’Vreest God en geeft hem heerlijkheid, want het uur van het oordeel door hem is gekomen, en aanbidt daarom Degene die de hemel en de aarde . . . gemaakt heeft.’” — Openbaring 14:6, 7.

3. Wat deed de Schepper voor onze eerste ouders?

3 Wij dienen de Schepper van alle dingen, de Bron van het leven, beslist niet te negeren, want zowel wij als deze planeet behoren hem toe (Psalm 24:1). Als uiting van zijn grote liefde gaf Jehovah zijn aardse kinderen het leven en verschafte hun een schitterende plaats om te wonen — een prachtig paradijs. Maar dit geweldige geschenk was niet onvoorwaardelijk. Het werd in feite in beheer gegeven. Onze eerste ouders moesten voor hun tehuis zorgen en het uitbreiden totdat zij de gehele aarde hadden bevolkt en onderworpen. Zij hadden voorrechten en verantwoordelijkheden met betrekking tot de landdieren, de vogels en de vissen — alle andere levende schepselen die de aarde met hen en hun nageslacht zouden delen. De mens zou rekenschap moeten afleggen van zijn beheer over dit schitterende toevertrouwde pand.

4. Wat heeft de mens met Gods schepping gedaan?

4 Maar zie nu eens hoe de mens, ondanks dat geweldige begin, zijn prachtige aardse tehuis heeft verontreinigd! Er minachtend aan voorbijgaand dat dit juweel Gods eigendom is, hebben mensen de aarde vervuild. Die verontreiniging heeft nu het punt bereikt dat het bestaan van steeds meer soorten zoogdieren, vogels en vissen wordt bedreigd. Onze rechtvaardige en liefdevolle God zal dit niet eindeloos dulden. Het verwoesten van de aarde roept om een afrekening, voor velen een reden tot vrees. Daarentegen is het voor hen die eerbiedig op God vertrouwen, een troost te weten wat er zal gebeuren. Jehovah zal rekenschap vragen, en de aarde zal in haar oorspronkelijke toestand worden hersteld. Dit zijn werkelijk blijde tijdingen voor alle rechtgeaarde mensen op aarde.

5, 6. Hoe zal Jehovah reageren op wat de mens met Zijn schepping heeft gedaan?

5 Door middel waarvan zal God zijn oordeel voltrekken? Hij bedient zich hiervoor van Jezus Christus, die thans troont als Koning van Gods hemelse koninkrijk. Door bemiddeling van die hemelse Zoon zal Jehovah een eind maken aan het huidige onreine, opstandige samenstel (2 Thessalonicenzen 1:6-9; Openbaring 19:11). Op deze manier zal hij verlichting schenken aan degenen die hem vrezen en zal hij tegelijkertijd ons aardse tehuis redden en behouden.

6 Hoe zal dit gebeuren? De bijbel vertelt over een komende grote verdrukking, die een climax zal bereiken in de oorlog van Armageddon (Openbaring 7:14; 16:16). Daardoor zal Gods oordeel aan dit vervuilde samenstel van dingen en zijn vervuilers worden voltrokken. Zullen er mensen in leven blijven? Ja! Dat zullen degenen zijn die God vrezen, niet met een ziekelijke, ongezonde vrees maar met een respectvolle, eerbiedige vrees. Zij zullen bevrijd worden. — Spreuken 2:21, 22.

Een verbijsterend machtsvertoon

7. Waarom heeft God in de dagen van Mozes ten behoeve van Israël ingegrepen?

7 Dit spectaculaire optreden van Jehovah God werd afgeschaduwd door een machtige daad die hij zo’n 1500 jaar voor onze gewone tijdrekening ten behoeve van zijn aanbidders verrichtte. De grote militaire mogendheid Egypte had haar geïmmigreerde Israëlitische arbeidskrachten tot slavernij gebracht en zelfs een poging tot een vorm van genocide gedaan toen haar heerser, Farao, bevel gaf alle pasgeboren Israëlitische jongetjes te doden. Gods zegepraal over Egypte had ten doel Israël uit dat onderdrukkende politieke samenstel te bevrijden, ja, hen te verlossen van een natie die door de aanbidding van vele goden bezoedeld was.

8, 9. Hoe reageerden Mozes en de Israëlieten op Gods inmenging?

8 Exodus hoofdstuk 15 verhaalt hoe Israël op de bevrijding uit Egypte reageerde. Door dit verslag te analyseren, zullen wij geholpen worden in te zien hoe christenen uit het tegenwoordige geestelijk en fysiek vervuilde samenstel bevrijd kunnen worden. Laten wij Exodus hoofdstuk 15 eens beschouwen en ons concentreren op geselecteerde verzen om te leren waarom het onze keus moet zijn Jehovah, de ware God, te vrezen. Wij beginnen met vers 1 en 2:

9 „In die tijd gingen Mozes en de zonen van Israël ertoe over voor Jehovah dit lied te zingen en het volgende te zeggen: ’Laat mij zingen voor Jehovah, want hoog is hij verheven geworden. Het paard en zijn berijder heeft hij in de zee gestort. Mijn sterkte en mijn macht is Jah, want hij dient mij tot redding.’”

10. Welke gebeurtenissen leidden ertoe dat God het leger van Egypte vernietigde?

10 Over de hele aardbol kennen mensen het verslag van de wijze waarop Jehovah Israël uit Egypte bevrijdde. Hij bracht plagen over die sterke wereldmacht totdat Farao ten slotte de Israëlieten liet gaan. Maar toen zetten Farao’s legers dit weerloze volk achterna en leek het erop dat ze hen op de oever van de Rode Zee in het nauw hadden gedreven. Hoewel het ernaar uitzag dat de zonen van Israël hun pasgevonden vrijheid snel weer zouden verliezen, had Jehovah iets anders in gedachten. Door een wonder opende hij een weg door de zee en bracht zijn volk in veiligheid. Toen de Egyptenaren hen najoegen, sloot hij de Rode Zee over hen toe zodat Farao en zijn strijdkrachten verdronken. — Exodus 14:1-31.

11. Wat was het gevolg van Gods optreden tegen Egypte?

11 De vernietiging die Jehovah over de Egyptische strijdkrachten bracht, verhief hem in de ogen van zijn aanbidders en gaf wijd en zijd bekendheid aan zijn naam (Jozua 2:9, 10; 4:23, 24). Ja, zijn naam werd verheven boven de machteloze, valse goden van Egypte, die niet in staat bleken hun aanbidders te bevrijden. Het vertrouwen in hun godheden en in de sterfelijke mens en militaire macht leidde tot bittere teleurstelling (Psalm 146:3). Geen wonder dat de Israëlieten ertoe werden bewogen lofliederen te zingen die een gezonde vrees weerspiegelden voor de levende God, die zijn volk op machtige wijze bevrijdt!

12, 13. Wat dienen wij uit Gods overwinning bij de Rode Zee te leren?

12 Ook wij dienen te erkennen dat geen valse goden in onze tijd en geen supermacht, zelfs niet met nucleaire wapens, het mogelijkerwijs kan opnemen tegen Jehovah. Hij kan en zal zijn volk bevrijden. „Hij doet naar zijn eigen wil onder het heerleger van de hemel en de bewoners der aarde. En er bestaat niemand die zijn hand kan tegenhouden of die tot hem kan zeggen: ’Wat hebt gij gedaan?’” (Daniël 4:35) Wanneer wij de betekenis van deze woorden ten volle begrijpen, worden ook wij ertoe bewogen vreugdevol lofliederen voor hem te zingen.

13 Het overwinningslied bij de Rode Zee vervolgt: „Jehovah is een manlijk persoon van oorlog. Jehovah is zijn naam.” Deze onoverwinnelijke Krijgsman is dus niet een anoniem verzinsel van de mens. Hij heeft een naam! Hij is ’Degene die veroorzaakt te worden’, de Grootse Maker, Degene „wiens naam Jehovah is, . . . de Allerhoogste . . . over heel de aarde” (Exodus 3:14; 15:3-5; Psalm 83:18). Vindt u ook niet dat die Egyptenaren uit de oudheid er verstandig aan zouden hebben gedaan een redelijk en eerbiedig besef van vrees voor de Almachtige te hebben in plaats van hem te tarten?

14. Hoe werd de waarde van godvruchtige vrees bij de Rode Zee gedemonstreerd?

14 Als de Ontwerper van de aarde heeft de Maker van de zee de volledige beheersing over de watermassa’s (Exodus 15:8). Door ook gebruik te maken van zijn macht over de wind, bracht hij tot stand wat onmogelijk scheen. Hij scheidde de waterdiepte op een bepaald punt en drong het water in tegengestelde richtingen terug om een door muren van water gevormde corridor te doen ontstaan waar zijn volk doorheen kon trekken. Stel u het tafereel voor: miljoenen tonnen zeewater, hoog oprijzend tot evenwijdige muren die een beschermende ontsnappingsweg voor Israël vormen. Ja, degenen die een gezonde vrees voor God aan de dag legden, werden beschermd. Vervolgens liet Jehovah het water weer gaan waardoor het als een kolkende vloed terugstroomde en Farao’s strijdkrachten en heel hun uitrusting verzwolg. Wat een tentoonspreiding van goddelijke macht over waardeloze goden en menselijke militaire kracht! Stellig is Jehovah degene die gevreesd moet worden, nietwaar? — Exodus 14:21, 22, 28; 15:8.

Blijk geven van onze vrees voor God

15. Wat dient onze reactie op Gods machtige reddingsdaden te zijn?

15 Als wij daar veilig bij Mozes hadden gestaan, zouden wij er beslist toe bewogen zijn te zingen: „Wie onder de goden is als gij, o Jehovah? Wie is als gij, die u machtig betoont in heiligheid? Die gevreesd moet worden met lofliederen, die wonderen doet” (Exodus 15:11). Zulke gevoelens hebben sindsdien door de eeuwen heen weerklonken. In het laatste boek van de bijbel beschrijft de apostel Johannes een groep getrouwe gezalfde dienstknechten van God: „Zij zingen het lied van Mozes, de slaaf van God, en het lied van het Lam.” Wat is dit machtige lied? „Groot en wonderbaar zijn uw werken, Jehovah God, de Almachtige. Rechtvaardig en waarachtig zijn uw wegen, Koning der eeuwigheid. Wie zal u niet werkelijk vrezen, Jehovah, en uw naam verheerlijken, omdat gij alleen loyaal zijt?” — Openbaring 15:2-4.

16, 17. Welke schitterende ontwikkeling zien wij zich in deze tijd voltrekken?

16 Zo zijn er ook in deze tijd bevrijde aanbidders die niet alleen waardering hebben voor de scheppingswerken van Gods hand maar ook voor zijn verordeningen. Mensen uit alle natiën zijn in geestelijk opzicht bevrijd, afgescheiden van deze vervuilde wereld, omdat zij de rechtvaardige verordeningen van God erkennen en in praktijk brengen. Jaarlijks ontvluchten honderdduizenden mensen deze verdorven wereld en komen in de reine, oprechte organisatie van Jehovah’s aanbidders. Binnenkort, nadat Gods vurige oordelen tegen de valse religie en de rest van dit goddeloze samenstel zijn voltrokken, zullen zij eeuwig in een rechtvaardige nieuwe wereld leven.

17 In overeenstemming met Openbaring 14:6, 7 verneemt de mensheid nu een waarschuwende oordeelsboodschap, die door Jehovah’s Getuigen onder leiding van engelen wordt bekendgemaakt. In meer dan 230 landen hebben vorig jaar zo’n vijf miljoen Getuigen het goede nieuws van Gods koninkrijk en zijn uur van oordeel verkondigd. Teneinde hun medemensen te onderwijzen zodat zij voor overleving in aanmerking komen, hebben Getuigen geregelde bezoeken bij mensen thuis gebracht om gratis bijbelstudies te leiden. Op die manier leren jaarlijks honderdduizenden genoeg om de ware God met verstand te vrezen, hun leven aan hem op te dragen en gedoopt te worden. Wat een vreugde dat zulke personen de ware God zijn gaan vrezen! — Lukas 1:49-51; Handelingen 9:31; vergelijk Hebreeën 11:7.

18. Waardoor wordt geïllustreerd dat de engelen bij onze prediking betrokken zijn?

18 Is het waar dat er engelen bij dit predikingswerk betrokken zijn? Welnu, het lijkt beslist duidelijk dat Jehovah’s Getuigen al dikwijls, geleid door engelen, bij een huis zijn gebracht waar een wanhopige persoon vurig naar geestelijke hulp verlangde, ja, er zelfs om bad! Eens waren bijvoorbeeld twee getuigen van Jehovah in gezelschap van een klein kind op een Caribisch eiland bezig het goede nieuws te vertellen. Tegen de middag besloten de twee volwassenen er voor die dag mee te stoppen. Maar het kind was er ongewoon op gebrand het volgende huis te bezoeken. Toen hij zag dat de volwassenen dat die keer niet van plan waren, ging hij alleen en klopte aan. Een jonge vrouw deed open. Toen de volwassenen dit zagen, gingen zij erheen en spraken met haar. Zij nodigde hen binnen en vertelde dat zij net toen er op de deur werd geklopt, had gebeden of God Getuigen naar haar toe wilde sturen om haar de bijbel te leren. Er werden regelingen getroffen voor een bijbelstudie.

19. Wat zouden wij kunnen noemen als een voordeel van het vrezen van God?

19 Terwijl wij getrouw Gods oordeelsboodschap bekendmaken, onderwijzen wij ook zijn rechtvaardige verordeningen. Wanneer mensen deze in hun leven gaan toepassen, vloeien daar zowel fysieke als geestelijke zegeningen uit voort. De bijbel is bijvoorbeeld heel duidelijk in zijn veroordeling van alle seksuele immoraliteit (Romeinen 1:26, 27, 32). In deze tijd worden goddelijke maatstaven in de wereld alom genegeerd. Met welk gevolg? Huwelijken lopen stuk. De misdaad neemt toe. Fnuikende seksueel overdraagbare ziekten, die in deze twintigste eeuw pandemisch zijn geworden, breiden zich uit. Ja, de angstaanjagende ziekte aids verspreidt zich grotendeels door seksuele immoraliteit. Maar is eerbiedige vrees voor God geen grote bescherming voor ware aanbidders gebleken? — 2 Korinthiërs 7:1; Filippenzen 2:12; zie ook Handelingen 15:28, 29.

De resultaten als wij God nu vrezen

20. Waardoor wordt geïllustreerd dat Jehovah’s Getuigen een goede reputatie hebben?

20 Er zijn overvloedige zegeningen voor degenen die God vrezen en zich aan zijn verordeningen houden. Beschouw eens een gebeurtenis ter illustratie van de groeiende erkenning van het feit dat Jehovah’s Getuigen een vreedzame broederschap van moreel rechtschapen christenen vormen. Een aantal Getuigen, afgevaardigden naar een internationaal congres in Zuid-Amerika, logeerde in een hotel dat op een avond ook werd gebruikt voor een wereldse bijeenkomst die zou worden toegesproken door de president van de natie. Toen een veiligheidsteam de president haastig een lift in loodste, stapte tot verbazing van de veiligheidsagenten ook een Getuige in, die niet wist wie zich in de lift bevond. Toen de Getuige besefte wat zij gedaan had, maakte zij haar excuses omdat zij zich ongevraagd bij hen had gevoegd. Zij liet haar congreslapelkaartje zien dat haar als een Getuige identificeerde en zei dat zij geen bedreiging voor de president vormde. Glimlachend zei een bewaker: „Als alle mensen zo waren als Jehovah’s Getuigen, hadden wij dit soort veiligheidsmaatregelen niet nodig.” — Jesaja 2:2-4.

21. Welke handelwijzen staan er voor de mensen in deze tijd open?

21 Dit is het soort mensen dat Jehovah nu bijeenvergadert en gereedmaakt om ’uit de grote verdrukking te komen’ die een eind maakt aan dit samenstel (Openbaring 7:9, 10, 14). Die overleving zal geen kwestie van toeval zijn. Om tot de overlevenden te behoren, moet iemand Jehovah vrezen, hem als de rechtmatige Soeverein erkennen en aan hem opgedragen zijn. De feiten zijn echter dat de meeste mensen niet de soort vrees willen aankweken die hen voor bescherming in aanmerking zal doen komen (Psalm 2:1-6). Volgens al het beschikbare bewijsmateriaal regeert Jehovah’s uitverkoren Heerser, Jezus Christus, sinds het kritieke jaar 1914 als Koning. Dit betekent dat de tijd die afzonderlijke personen nog rest om een gezonde vrees voor Jehovah te ontwikkelen en tentoon te spreiden, snel ten einde raakt. Toch stelt onze Schepper afzonderlijke personen, zelfs als zij een machtspositie bekleden, in de gelegenheid gunstig te reageren: „Nu dan, o koningen, handelt volgens inzicht; laat u corrigeren, o rechters der aarde. Dient Jehovah met vrees en weest blij met beving. Kust de zoon, opdat Hij niet vertoornd wordt en gij niet van de weg vergaat, want zijn toorn ontvlamt licht. Gelukkig zijn allen die hun toevlucht tot hem nemen.” — Psalm 2:7-12.

22. Wat houdt de toekomst in voor hen die God nu vrezen?

22 Mogen wij ons onder degenen bevinden die onze Schepper zullen loven als Degene die ons heeft gered. Dit vereist echter van ons dat wij nu de ware God vrezen! (Vergelijk Psalm 2:11; Hebreeën 12:28; 1 Petrus 1:17.) Wij moeten ermee voortgaan ons op de hoogte te stellen van zijn rechtvaardige verordeningen en ze gehoorzamen. Het lied van Mozes en van het Lam, opgetekend in Openbaring 15:3, 4, zal een machtig crescendo bereiken wanneer Jehovah alle goddeloosheid op aarde wegvaagt en ertoe overgaat de mens en zijn aardse tehuis van de verontreinigende gevolgen van de zonde te genezen. Dan zullen wij met heel ons hart zingen: „Groot en wonderbaar zijn uw werken, Jehovah God, de Almachtige. Rechtvaardig en waarachtig zijn uw wegen, Koning der eeuwigheid. Wie zal u niet werkelijk vrezen, Jehovah, en uw naam verheerlijken?”

Kunt u zich dit herinneren?

◻ Waarom verdient Jehovah onze gezonde vrees?

◻ Wat trad door Gods verrichtingen bij de Rode Zee duidelijk aan het licht?

◻ Welke voordelen spruiten uit onze eerbiedige vrees voor Jehovah voort?

◻ Welke toekomst wacht degenen die de ware God nu vrezen?

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen