33 Daarna veranderden zij van richting en trokken op langs de weg van Ba̱san.+ Daarop trok Og,+ de koning van Ba̱san, hun tegemoet, hij en al zijn volk, tot de strijd bij Edre̱ï.+
22 En gij hebt hun voorts koninkrijken en volken gegeven,+ en die stuk voor stuk [aan hen] toebedeeld,+ zodat zij het land van Si̱hon in bezit namen,+ ja, het land van de koning van He̱sbon,+ en het land van Og,+ de koning van Ba̱san.+