39 en dat van al de dingen waarvan GIJ door middel van de wet van Mo̱zes niet onschuldig verklaard kondt worden,+ een ieder die gelooft, onschuldig wordt verklaard door bemiddeling van Hem.+
13 Bovendien heeft [God*] U, ofschoon GIJ dood waart in UW overtredingen en in de onbesneden staat van UW vlees, met hem levend gemaakt.+ Hij heeft ons al onze overtredingen goedgunstig vergeven+