Spreuken 6:1 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 6 Mijn zoon, indien gij u borg hebt gesteld voor uw naaste,+ [indien] gij aan de vreemde uw handslag hebt gegeven,+ Spreuken 17:18 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 18 Een mens die het aan hart ontbreekt,* geeft handslag,*+ terwijl hij zich volkomen borg stelt voor het aangezicht van zijn metgezel.+ Spreuken 20:16 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 16 Neem iemands kleed, ingeval hij borg geworden is voor een vreemde;+ en in het geval van een buitenlandse vrouw: neem van hem een pand.+ Spreuken 22:26 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 26 Kom niet terecht onder hen die handslag geven,+ onder hen die borg worden voor leningen.+
6 Mijn zoon, indien gij u borg hebt gesteld voor uw naaste,+ [indien] gij aan de vreemde uw handslag hebt gegeven,+
18 Een mens die het aan hart ontbreekt,* geeft handslag,*+ terwijl hij zich volkomen borg stelt voor het aangezicht van zijn metgezel.+
16 Neem iemands kleed, ingeval hij borg geworden is voor een vreemde;+ en in het geval van een buitenlandse vrouw: neem van hem een pand.+