Jeremia 1:7 Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen 7 Vervolgens zei Jehovah tot mij: „Zeg niet: ’Ik ben maar een jongen.’ Maar naar allen tot wie ik u zal zenden, dient gij te gaan en alles wat ik u zal gebieden, dient gij te spreken.+
7 Vervolgens zei Jehovah tot mij: „Zeg niet: ’Ik ben maar een jongen.’ Maar naar allen tot wie ik u zal zenden, dient gij te gaan en alles wat ik u zal gebieden, dient gij te spreken.+