20 en geheel het gemengde gezelschap, en alle koningen van het land Uz,+ en alle koningen van het land der Filistijnen+ en A̱skelon+ en Ga̱za+ en E̱kron+ en het overblijfsel van A̱sdod;+
5 Kaalheid+ moet er voor Ga̱za+ komen. A̱skelon+ is tot zwijgen gebracht. O overblijfsel van hun laagvlakte, hoe lang zult gij u insnijdingen blijven maken?+
16 daarom, dit heeft de Soevereine Heer Jehovah gezegd: „Zie, ik strek mijn hand uit tegen de Filistijnen+ en ik wil de Kerethieten* afsnijden+ en de rest van de zeekust verdelgen.+