3 want wij denken onophoudelijk aan UW getrouwe werk*+ en [UW] liefderijke arbeid* en [UW] volharding ten gevolge van [UW] hoop+ op onze Heer Jezus Christus voor het aangezicht van onze God en Vader.
8 Betrouwbaar is het woord,+ en betreffende deze dingen wens ik dat gij voortdurend krachtige beweringen doet, opdat zij die gelovigen in God zijn geworden, hun geest gericht mogen houden op het blijven doen van voortreffelijke werken.+ Deze dingen zijn voortreffelijk en nuttig voor de mensen.
25 Wie daarentegen tuurt* in de volmaakte wet,+ die tot de vrijheid behoort, en daarbij blijft, die zal, omdat hij geen vergeetachtig hoorder maar een dader van het werk is geworden,+ gelukkig+ zijn doordat hij [het] doet.