27 Hi̱ram stuurde zijn eigen dienaren, ervaren zeelieden, met de vloot mee+ om met de dienaren van Salomo samen te werken. 28 Ze gingen naar O̱fir+ en namen vandaar 420 talenten goud mee voor koning Salomo.
22 De koning had namelijk een vloot van Ta̱rsisschepen+ op zee, samen met Hi̱rams vloot. Eens in de drie jaar kwam de vloot van Ta̱rsisschepen binnen, beladen met goud, zilver, ivoor,+ apen en pauwen.
18 Hi̱ram+ stuurde hem met medewerking van zijn eigen dienaren schepen en ervaren zeelieden. Die gingen samen met Salomo’s dienaren naar O̱fir+ en namen vandaar 450 talenten* goud+ mee voor koning Salomo.+