-
Markus 12:35-37Nieuwewereldvertaling van de Bijbel (studie-uitgave)
-
-
35 Maar Jezus vervolgde zijn onderwijs in de tempel en vroeg: ‘Hoe kunnen de schriftgeleerden zeggen dat de Christus Davids zoon is?+ 36 David zelf heeft door de heilige geest+ gezegd: “Jehovah heeft tegen mijn Heer gezegd: ‘Ga aan mijn rechterhand zitten totdat ik je vijanden aan je voeten leg.’”+ 37 David zelf noemt hem Heer, dus hoe kan hij dan zijn zoon zijn?’+
De vele aanwezigen luisterden graag naar hem.
-
-
Lukas 20:41-44Nieuwewereldvertaling van de Bijbel (studie-uitgave)
-
-
41 Maar hij vroeg hun: ‘Hoe kan er gezegd worden dat de Christus Davids zoon is?+ 42 Want David zegt zelf in het boek Psalmen: “Jehovah heeft tegen mijn Heer gezegd: ‘Ga aan mijn rechterhand zitten 43 totdat ik je vijanden aan je voeten leg als een voetenbank.’”+ 44 David noemt hem dus Heer. Hoe kan hij dan zijn zoon zijn?’
-