21 ja, nog terwijl ik mijn gebed uitsprak, kwam de man Gabriël+ bij me, die ik eerder in het visioen had gezien.+ Het was rond de tijd van het avondoffer en ik was volledig uitgeput.
26 In haar zesde maand stuurde God de engel Gabriël+ naar Na̱zareth, een stad in Galilea, 27 naar een maagd+ die Maria heette. Ze was verloofd met Jozef, een man uit de familie van David.+