-
Waarom zijn zij als volken verdwenen?De Wachttoren 1976 | 15 juli
-
-
van de val van het Moabitische Koninkrijk en de Moabitische beschaving in het eerste kwart van de 6de eeuw v. Chr. Na deze ontvolking van het land hebben wij nog altijd enkele verwijzingen naar personen van Moabitische oorsprong, maar na de eerste 2 decenniën van de 6de eeuw v. Chr. kan er niet meer naar de Moabitische natie of staat worden verwezen.” — The Moabites, blz. 157, 158.
Over de rampspoed die de Filistijnen trof, merkt The Interpreter’s Dictionary of the Bible op:
„Nebukadnezar heeft het kleine beetje dat nog van de Filistijnse onafhankelijkheid over was, volledig uitgeroeid. Hij deporteerde zowel de regeerders als de bevolking, zoals door de vermelding van de koningen van Gaza en Asdod en de vorsten van Askelon in de door Unger en Weidner gepubliceerde lijsten wordt aangetoond.” — Deel 3, blz. 795.
Hoe krachtig getuigt het einde van Ammon, Moab en Filistea van de nauwkeurige vervulling van bijbelse profetieën! Het oordeel van Jehovah God werd inderdaad ten aanzien van deze onbuigzame vijanden van zijn oude verbondsvolk, de Israëlieten, ten uitvoer gelegd. Wij kunnen ons waarlijk op het profetische Woord van God verlaten. Het is zoals wij in Jesaja 55:11 lezen: „Mijn woord . . . zal niet zonder resultaten tot mij terugkeren, maar het zal stellig datgene doen waarin ik behagen heb geschept en het zal stellig succes hebben in dat waarvoor ik het heb gezonden.” Indien wij dus in de zegeningen willen delen die Jehovah God heeft weggelegd voor degenen die hem liefhebben, doen wij er goed aan ons van zijn wil op de hoogte te stellen en er dan in overeenstemming mee te leven.
-
-
Vragen van lezersDe Wachttoren 1976 | 15 juli
-
-
Vragen van lezers
● Was het Gods oorspronkelijke voornemen dat de vrouw aan haar man onderworpen is? Of was dit alleen het geval nadat Adam en Eva hadden gezondigd en God tot de vrouw had gezegd dat „uw man . . . over u [zal] heersen”? — Gen. 3:16.
Uit het bijbelse verslag blijkt dat het Gods oorspronkelijke voornemen was dat de man het hoofd van zijn gezin zou zijn en dat de vrouw in onderworpenheid aan haar man zou zijn.
Voordat Eva werd geschapen, zei Jehovah: „Het is niet goed dat de mens alleen blijft. Ik zal een hulp voor hem maken, als zijn tegenhanger” (Gen. 2:18). De man zou derhalve de belangrijkste verantwoordelijkheid in het gezin hebben en de vrouw zou hem helpen.
De apostel Paulus verwijst in 1 Timótheüs 2:11-14 naar het feit dat Adam eerst werd geschapen, ten einde aan te tonen dat vrouwen in de christelijke gemeente onderworpen dienen te zijn aan de mannen als opzieners en dat de vrouw geen „autoriteit [behoort] te oefenen over een man”. Waarom? „Want Adam werd het eerst gevormd, daarna Eva. Ook werd Adam niet bedrogen, maar de vrouw werd grondig bedrogen en geraakte in overtreding.”
Eva had zorgvuldig haar man moeten raadplegen met betrekking tot elke eventuele belangrijke beslissing die genomen moest worden. En zij had er speciaal vlug bij moeten zijn Adams raad in te winnen toen zij ertoe werd verleid van de verboden vrucht te eten, aangezien de slang haar ertoe verlokte ongehoorzaam te zijn aan Gods vroegere gebod — dat door bemiddeling van haar man Adam was gegeven — om niet van de verboden vrucht te eten. Indien zij het gezag dat haar man als hoofd uitoefende, had erkend, zou dit een bescherming voor haar zijn geweest. Onderworpenheid aan zijn gezag als hoofd, door hem te raadplegen en met hem samen te werken, zou haar bijzonder hebben geholpen om gehoorzaam juiste aanbidding aan God te schenken.
Toen Jehovah het vonnis over Eva uitsprak, zei hij: „Ik zal de smart van uw zwangerschap zeer doen toenemen; met barensweeën zult gij kinderen voortbrengen, en uw sterke begeerte zal naar uw man uitgaan, en hij zal over u heersen.” — Gen. 3:16.
Het schijnt niet zo te zijn dat Jehovah deze toestanden rechtstreeks veroorzaakte als een straf voor Eva en — door overerving — voor al haar vrouwelijke nakomelingen. Door zowel de vrouw als de man van zijn goddelijke gunst af te snijden, wees Jehovah veeleer op de gevolgen en misbruiken die uit het verlies van zijn gunst zouden voortspruiten. Het baren van kinderen zou onder onvolmaakte omstandigheden bijzonder moeilijk zijn. Jehovah wist van tevoren dat onvolmaaktheden binnen de huwelijksregeling
-