-
Waarom Jehovah’s getuigen anders zijnDe Wachttoren 1959 | 15 oktober
-
-
volkomen vrijwillig. Aan de hand van bijbelstudiehulpmiddelen wordt de bijbel bestudeerd. Er worden opbouwende besprekingen gevoerd waaraan alle aanwezigen deelnemen. Er wordt op niemand neergekeken omdat hij nog maar een beginneling op het gebied van bijbelkennis is of in slechte financiële omstandigheden verkeert. Ook het onderscheid tussen geestelijken en leken is bij hen onbekend. Allen — zowel mannen als vrouwen en kinderen — leren op deze vergaderingen hoe zij in Christus’ voetstappen kunnen treden, en hun geloof en hoop met anderen kunnen delen. Hun vergaderingen zijn niet alleen voor de getuigen van Jehovah toegankelijk. Zij verzekeren u ervan dat alle personen van goede wil welkom zijn. Door zulke vergaderingen eens te bezoeken, zult u in de eerste plaats beter leren begrijpen waarom Jehovah’s getuigen zo anders zijn, maar bovenal zult u meer horen over het goede nieuws van het Koninkrijk — de enige basis voor waar geluk in deze tijd.
-
-
„Uw wil geschiede op aarde” — Deel 18De Wachttoren 1959 | 15 oktober
-
-
„Uw wil geschiede op aarde” — Deel 18
Nadat Jezus de apostel Petrus gelukkig had genoemd omdat deze hem met Gods hulp als „de Christus, de Zoon van den levenden God” had geïdentificeerd, zei hij met betrekking tot zichzelf: „Op deze petra [rotsmassa] zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen” (Matth. 16:18). Na zijn dood en opstanding uit de doden, waarna hij naar de hemel, naar zijns Vaders rechterhand, was opgevaren, begon Jezus zijn ware gemeente van geestelijke Israëlieten op te bouwen. Hij begon hiermee op het in het jaar 33 n. Chr. gehouden pinksterfeest, toen hij op het getrouwe overblijfsel van zijn discipelen dat te Jeruzalem bijeen was, de heilige geest uitstortte. Als „levende stenen” in eendracht met Jezus Christus, als het belangrijkste fundament, werden zij aldus te zamen tot een plaats opgebouwd waar God door middel van zijn geest zou wonen.
23, 24. Wat hield het feit dat Jezus zijn gemeente op zichzelf bouwde, nog meer in, en hoe legde Paulus dit in Efeze 4:10-14 uit?
23 Toen Jezus de gemeente op zichzelf als de rotsmassa bouwde, deed hij dit niet alleen door „levende stenen” — zijn aan God opgedragen, gedoopte volgelingen — op zichzelf te stapelen, maar eveneens door hen als de tempel of het heiligdom Gods voor Jehovah’s dienst te organiseren. Te dien einde moesten er talrijke speciale dienaren worden aangesteld aan wie diverse plichten in de gemeente toegewezen moesten worden. De apostel Paulus legt dit in de volgende woorden uit door over de wijze waarop de in de hemel verblijf houdende Jezus zijn volgelingen organiseerde, te zeggen:
24 „Hij die [naar de aarde] is neergedaald, is ook degene die ver boven alle hemelen is opgestegen, opdat hij aan alles volheid zou kunnen geven. En hij heeft sommigen gegeven als apostelen, sommigen als profeten, sommigen als zendelingen, sommigen als herders en leraars, met het oog op de opleiding der heiligen tot het bedieningswerk, tot de opbouw van het lichaam van de Christus, totdat wij allen geraken tot de eenheid in het geloof en de nauwkeurige kennis van de Zoon Gods, tot volwassenheid, de maat van wasdom die tot de volheid van de Christus behoort; opdat wij niet langer kleine kinderen zijn.” — Ef. 4:10-14, NW.
25. Voor welk doel organiseerde Jezus de gemeente en stelde hij er speciale dienaren in aan?
25 Het doel waarvoor Jezus de gemeente
-