-
Bent u net zo voorkomend tegenover uw gezin als tegenover anderen?De Wachttoren 1974 | 1 mei
-
-
het standpunt dat iemand in een vrouwenbeweging innam, zei zij: „Ik behandel mijn man als een koning en hij behandelt mij als een koningin.”
Het gezegde van de wereld ’van familiariteit komt minachting’, dient niet van toepassing te zijn op onze verhouding tot onze eigen huisgenoten. Precies het tegenovergestelde dient het geval te zijn. Familiariteit of vertrouwelijkheid dient tot loyaliteit en respect te leiden doordat wij elkaar beter hebben leren kennen en begrijpen en elkaar meer zijn gaan waarderen. Het is voor mensen die thuis in hun jeugd een goede opvoeding hebben gehad vanzelfsprekend dat zij buitenstaanders of vreemden met een mate van respect behandelen. En dat dient ook zo te zijn, want zegt de bijbel niet: „Eert alle soorten van mensen”? Bij „alle soorten” zijn ook onze eigen huisgenoten inbegrepen, niet waar? (1 Petr. 2:17) Door respect voor elkaar te tonen, sterken de individuele leden van een gezin elkaars persoonlijkheid, waardoor iedereen beter in staat wordt gesteld de anderen behulpzaam te zijn. Wanneer wij anderen aanspreken, kunnen wij zowel door wat wij zeggen als door de manier waarop wij het zeggen respect tonen voor hun persoon en gevoelens.
Soms meent een lid van een gezin dat hij waar het anderen van het gezin betreft, wel kortaf, hard of kritisch mag zijn, hoewel hij er niet aan zou denken buitenstaanders zo te behandelen. Maar geeft hij door dit te doen geen blijk van gebrek aan empathie? Als wij zelf ontdekken dat wij een fout hebben begaan en deze kunnen herstellen, voelen wij ons bijvoorbeeld heel anders dan wanneer iemand anders een fout onder onze aandacht brengt en ons vraagt deze te herstellen. Empathie zal ons helpen dat verschil te beseffen.
Dat wij onze eigen huisgenoten niet zo behandelen als buitenstaanders is vaak te wijten aan louter onnadenkendheid, vooral als wij dingen zeggen die wij beter niet hadden kunnen zeggen. Met buitenstaanders zijn wij geneigd voorzichtiger te zijn. Maar ook waar het onze eigen huisgenoten betreft, is het goed altijd te denken voordat wij spreken. Een goede regel is: „Is het vriendelijk? Is het waar? Is het noodzakelijk?” Schenk ook aandacht aan de manier waarop u iets zegt. Het tegenovergestelde van onnadenkendheid is het gebruiken van consideratie. Doe dit zelfs in kleine dingen, want men zegt terecht „het zijn de kleine dingen die het doen”. Men gebruikt ook consideratie als men een verzoek altijd vergezeld laat gaan van „alstublieft” en als men „dank u wel” zegt en dit ook meent als er een vriendelijkheid wordt betoond, hoe gering ook.
Wij hebben werkelijk vele redenen om in de omgang met mensen buiten onze gezinskring vriendelijk, barmhartig, respectvol en voorkomend te zijn. Het schenkt morele voldoening deze eigenschappen aan de dag te leggen, het leidt tot betere betrekkingen, het draagt ertoe bij dat mensen een goede dunk van ons hebben en strekt ons wellicht zelfs in materieel opzicht tot voordeel. Maar zullen wij er ook niet op deze verschillende manieren baat bij hebben als wij die eigenschappen jegens onze eigen huisgenoten tonen? Zeker, en zelfs nog meer. Bovendien zouden wij kunnen zeggen dat wij door dit te doen ’schatten wegleggen’ waaruit wij in geval van nood kunnen putten. En wat een troost kan dat blijken te zijn!
-
-
Loyaliteit van de eerste christenen jegens God op de proef gesteldDe Wachttoren 1974 | 1 mei
-
-
Loyaliteit van de eerste christenen jegens God op de proef gesteld
WIJ mensen willen van nature graag dat men van ons houdt. Het is daarom niet gemakkelijk voor ons er de moed in te houden als wij voortdurend in een verkeerd daglicht worden gesteld, slecht worden behandeld en worden gehaat. Toch is dit nu juist datgene wat de eerste christenen deden.
Om aan hun activiteit een halt toe te roepen, zetten tegenstanders aan tot gewelddadigheid van het gepeupel en tot het nemen van officiële
-