-
Jehovah brengt zijn gezin bijeenDe Wachttoren 2012 | 15 juli
-
-
Bovendien geeft Paulus ons de dringende raad ons uiterste best te doen om „de eenheid des geestes te bewaren in de verenigende band van vrede”. (Lees Efeziërs 4:1-3.) Om die raad toe te passen moeten we ons onderwerpen aan de invloed van Gods geest en toelaten dat die zijn vrucht in ons voortbrengt. Die vrucht helpt ons problemen met anderen op te lossen, in tegenstelling tot de werken van het vlees, die altijd verdeeldheid veroorzaken.
-
-
Jehovah brengt zijn gezin bijeenDe Wachttoren 2012 | 15 juli
-
-
9. Hoe kunnen we erachter komen of we ’er ernstig naar streven de eenheid des geestes te bewaren’?
9 Ieder van ons moet zich dus afvragen: ’Hoeveel moeite doe ik om „de eenheid des geestes te bewaren in de verenigende band van vrede”? Hoe reageer ik als er problemen ontstaan? Praat ik er met zo veel mogelijk anderen over in de hoop medestanders te vinden? Verwacht ik van de ouderlingen dat ze het probleem oplossen in plaats dat ik zelf echt moeite doe om de vrede te herstellen? Als ik weet dat iemand iets tegen me heeft, ga ik hem dan uit de weg om het probleem niet te hoeven bespreken?’ Zou daaruit blijken dat we meewerken aan Jehovah’s voornemen om alle dingen weer bijeen te vergaderen in de Christus?
10, 11. (a) Hoe belangrijk is vrede met onze broeders en zusters? (b) Wat kunnen we doen om vrede en geestelijke voorspoed te hebben?
10 Jezus zei: „Wanneer gij daarom uw gave naar het altaar brengt en u daar herinnert dat uw broeder iets tegen u heeft, laat uw gave dan daar vóór het altaar en ga heen; sluit eerst vrede met uw broeder en offer daarna, wanneer gij zijt teruggekomen, uw gave. Haast u een zaak bij te leggen” (Matth. 5:23-25). Jakobus schreef dat ’de vrucht der rechtvaardigheid wordt gezaaid onder vredige omstandigheden voor hen die vrede maken’ (Jak. 3:17, 18). Dit betekent dat het onmogelijk is te blijven doen wat rechtvaardig of juist is als we geen vrede met anderen hebben.
11 Laten we dit eens illustreren. In sommige landen waar oorlog geweest is zou naar schatting 35 procent meer land bewerkt kunnen worden als de inwoners niet bang hoefden te zijn voor de aanwezigheid van landmijnen. Als er een landmijn ontploft, verlaten boeren de velden, raken dorpen hun middelen van bestaan kwijt en krijgen steden geen voedsel meer. Zoiets gebeurt ook als we karaktertrekken hebben die de vrede met onze broeders en zusters kunnen verstoren. Dan wordt onze groei in geestelijk opzicht belemmerd. Maar door anderen snel te vergeven en hun belangen op het oog te hebben, creëren we omstandigheden die tot geestelijke voorspoed leiden.
-