donderdag 3 september
Zal de Rechter van de hele aarde niet doen wat rechtvaardig is? — Gen. 18:25.
Zijn er goede redenen voor vertrouwen in al Jehovah’s oordelen, zowel de gunstige als de ongunstige? Ja! Zoals Abraham goed begreep, is Jehovah de volmaakte, alwijze, barmhartige ‘Rechter van de hele aarde’. Hij heeft zijn Zoon opgeleid en hem de verantwoordelijkheid gegeven iedereen te oordelen (Joh. 5:22). Zowel de Vader als de Zoon kan van elk mens het hart lezen (Matth. 9:4). Ze zullen dus altijd ‘doen wat rechtvaardig is’! Wees dus vastbesloten te vertrouwen op Jehovah en al zijn beslissingen. Besef dat mensen niet bevoegd zijn om te oordelen, maar hij wel! (Jes. 55:8, 9) Laat vol vertrouwen al het oordelen over aan Jehovah en aan zijn Zoon, de Koning die de rechtvaardigheid en barmhartigheid van zijn Vader perfect weerspiegelt (Jes. 11:3, 4). w24.05 7 ¶18-19
vrijdag 4 september
Jehovah heeft een hekel aan wie sluw is, maar hij is een goede vriend van de oprechten. — Spr. 3:32.
Het is heel belangrijk een oprecht hart te hebben. Dat blijkt wel uit wat er gebeurde toen Filippus zijn vriend Nathanaël meenam om Jezus te zien. Hoewel Jezus Nathanaël nog nooit had ontmoet, zei hij: ‘Kijk, dat is echt een Israëliet in wie geen bedrog is’ (Joh. 1:47). In Nathanaël zag Jezus een bijzondere oprechtheid. Hoewel Nathanaël net als ieder ander onvolmaakt was, was niets aan hem gemaakt of onoprecht. Jezus bewonderde dat en prees hem ervoor. De meeste vereisten in Psalm 15 gaan over de manier waarop je anderen behandelt. In Psalm 15:3 staat dat een gast in Jehovah’s tent ‘niet lastert met zijn tong, zijn naaste geen kwaad doet en zijn vrienden niet te schande maakt’. Als je anderen zwartmaakt, kan het zijn dat je ze echt pijn doet (Jak. 1:26). w24.06 10 ¶7, 9; 11 ¶10
zaterdag 5 september
Heer, zelfs de demonen onderwerpen zich aan ons als we je naam gebruiken! — Luk. 10:17.
Als je goed op de dienst voorbereid bent, zul je minder gespannen zijn wanneer je met mensen praat. Jezus hielp zijn discipelen om voorbereid te zijn voordat ze eropuit trokken (Luk. 10:1-11). Omdat ze toepasten wat Jezus ze had geleerd, voelden ze veel vreugde door wat ze konden bereiken. Wat kun je doen om je op de dienst voor te bereiden? Denk erover na wat je wilt zeggen en hoe je dat op een natuurlijke manier met eigen woorden kunt uitdrukken. Het is ook goed te anticiperen op twee of drie veelvoorkomende reacties van de mensen in het gebied. Bedenk wat je op elk daarvan kunt zeggen. Als je met mensen praat, probeer dan te ontspannen, glimlach en wees vriendelijk. w24.04 16 ¶6-7