Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • 1 Samuël 28
  • Nieuwewereldvertaling van de Bijbel

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

Inhoud 1 Samuël

      • Saul naar medium in En-Dor (1-25)

1 Samuël 28:1

Verwijsteksten

  • +1Sa 14:52
  • +1Sa 27:12; 29:3

1 Samuël 28:2

Voetnoten

  • *

    Lett.: ‘als bewaker van mijn hoofd alle dagen’.

Verwijsteksten

  • +1Sa 29:2

1 Samuël 28:3

Verwijsteksten

  • +1Sa 25:1
  • +Ex 22:18; Le 19:31; 20:6, 27; De 18:10, 11; Opb 21:8

Index

  • Studiehulp

    Inzicht, Deel 1, blz. 746

  • Publicatie-index

    it-1 746

1 Samuël 28:4

Verwijsteksten

  • +Joz 19:17, 18; 2Kon 4:8
  • +1Sa 31:1; 2Sa 1:21; 21:12

Index

  • Studiehulp

    Inzicht, Deel 1, blz. 63

  • Publicatie-index

    it-1 63

1 Samuël 28:5

Verwijsteksten

  • +1Sa 28:20

1 Samuël 28:6

Verwijsteksten

  • +1Sa 14:37
  • +Ex 28:30; Nu 27:21

Index

  • Studiehulp

    Inzicht, Deel 2, blz. 1225

    Inzicht, Deel 2, blz. 1074

  • Publicatie-index

    it-2 1074, 1225;

    w68 459; g65 8/12 28; w57 23

1 Samuël 28:7

Verwijsteksten

  • +Ex 22:18; Le 19:31; 20:6; 1Sa 15:23; 28:3
  • +Joz 17:11

Index

  • Studiehulp

    Inzicht, Deel 2, blz. 1225

  • Publicatie-index

    it-2 1225;

    dh 45; w55 359

1 Samuël 28:8

Verwijsteksten

  • +De 18:10, 11; 1Kr 10:13

Index

  • Publicatie-index

    dh 45; w55 359

1 Samuël 28:9

Voetnoten

  • *

    Of ‘mijn ziel’.

Verwijsteksten

  • +1Sa 28:3
  • +Ex 22:18; Le 20:27

1 Samuël 28:11

Index

  • Publicatie-index

    w64 631; dh 45; w55 359

1 Samuël 28:12

Voetnoten

  • *

    Of ‘wat Samuël leek te zijn’.

Verwijsteksten

  • +1Sa 28:3

Index

  • Studiehulp

    Inzicht, Deel 2, blz. 911-912

  • Publicatie-index

    it-2 911-912;

    gh 137; ts 75; g73 22/9 8; w64 631

1 Samuël 28:13

Index

  • Publicatie-index

    g79 22/11 12; gh 137; ts 75; dh 45; w55 359

1 Samuël 28:14

Verwijsteksten

  • +1Sa 15:27

Index

  • Studiehulp

    Inzicht, Deel 2, blz. 1197

    De Wachttoren,

    1/1/2010, blz. 20

    15/1/1988, blz. 3-4

    Redeneren, blz. 392

  • Publicatie-index

    it-2 1197; w10 1/1 20; rs 392; w88 15/1 3-4;

    g79 22/11 12; gh 137; ts 75; w64 631; g60 8/11 6; dh 45; w55 359

1 Samuël 28:15

Verwijsteksten

  • +1Sa 28:6
  • +Le 19:31

Index

  • Studiehulp

    Eeuwig leven, blz. 91-92

  • Publicatie-index

    pe 91-92;

    g79 22/11 12; ts 75, 77; g60 8/11 7; dh 45; w55 359

1 Samuël 28:16

Verwijsteksten

  • +1Sa 15:23; 16:14

Index

  • Publicatie-index

    g79 22/11 12; g60 8/11 7

1 Samuël 28:17

Verwijsteksten

  • +1Sa 13:14; 15:28; 16:13; 24:20

1 Samuël 28:18

Verwijsteksten

  • +1Sa 15:9; 1Kr 10:13

1 Samuël 28:19

Verwijsteksten

  • +1Sa 28:1; 31:1
  • +1Sa 31:5
  • +1Sa 31:2; 2Sa 2:8
  • +1Sa 31:7

Index

  • Studiehulp

    De Wachttoren,

    15/1/1988, blz. 3-4

  • Publicatie-index

    w88 15/1 3-4;

    w79 15/5 6

1 Samuël 28:21

Voetnoten

  • *

    Of ‘mijn ziel in mijn hand gelegd’.

Verwijsteksten

  • +Le 20:27

1 Samuël 28:24

Voetnoten

  • *

    Of ‘offerde’.

Index

  • Studiehulp

    Inzicht, Deel 2, blz. 1145-1146

  • Publicatie-index

    it-2 1146

1 Samuël 28:25

Verwijsteksten

  • +1Sa 28:8

Andere Bijbelvertalingen

Klik op een versnummer om hetzelfde vers in andere Bijbelvertalingen weer te geven.

Algemeen

1 Sam. 28:11Sa 14:52
1 Sam. 28:11Sa 27:12; 29:3
1 Sam. 28:21Sa 29:2
1 Sam. 28:31Sa 25:1
1 Sam. 28:3Ex 22:18; Le 19:31; 20:6, 27; De 18:10, 11; Opb 21:8
1 Sam. 28:4Joz 19:17, 18; 2Kon 4:8
1 Sam. 28:41Sa 31:1; 2Sa 1:21; 21:12
1 Sam. 28:51Sa 28:20
1 Sam. 28:61Sa 14:37
1 Sam. 28:6Ex 28:30; Nu 27:21
1 Sam. 28:7Ex 22:18; Le 19:31; 20:6; 1Sa 15:23; 28:3
1 Sam. 28:7Joz 17:11
1 Sam. 28:8De 18:10, 11; 1Kr 10:13
1 Sam. 28:91Sa 28:3
1 Sam. 28:9Ex 22:18; Le 20:27
1 Sam. 28:121Sa 28:3
1 Sam. 28:141Sa 15:27
1 Sam. 28:151Sa 28:6
1 Sam. 28:15Le 19:31
1 Sam. 28:161Sa 15:23; 16:14
1 Sam. 28:171Sa 13:14; 15:28; 16:13; 24:20
1 Sam. 28:181Sa 15:9; 1Kr 10:13
1 Sam. 28:191Sa 28:1; 31:1
1 Sam. 28:191Sa 31:5
1 Sam. 28:191Sa 31:2; 2Sa 2:8
1 Sam. 28:191Sa 31:7
1 Sam. 28:21Le 20:27
1 Sam. 28:251Sa 28:8
  • Nieuwewereldvertaling van de Bijbel
  • Lees in Studiebijbel (nwtsty)
  • Lees in Studiebijbel (Rbi8)
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
  • 11
  • 12
  • 13
  • 14
  • 15
  • 16
  • 17
  • 18
  • 19
  • 20
  • 21
  • 22
  • 23
  • 24
  • 25
Nieuwewereldvertaling van de Bijbel
1 Samuël 28:1-25

Het eerste boek Samuël

28 In die tijd verzamelden de Filistijnen hun troepen om oorlog te voeren tegen Israël.+ A̱chis zei dus tegen David: ‘Je begrijpt natuurlijk wel dat jij en je mannen aan onze kant moeten strijden.’+ 2 David antwoordde: ‘U weet heel goed wat uw dienaar zal doen.’ A̱chis zei: ‘Daarom zal ik je als mijn vaste lijfwacht* aanstellen.’+

3 Samuël was inmiddels gestorven. Heel Israël had over hem gerouwd en hij was in zijn woonplaats Ra̱ma begraven.+ En Saul had de mediums en de waarzeggers uit het land verwijderd.+

4 De Filistijnen verzamelden hun troepen en sloegen hun kamp op in Su̱nem.+ Daarom riep Saul heel Israël bij elkaar, en zij sloegen op de Gilbo̱a hun kamp op.+ 5 Toen Saul het kamp van de Filistijnen zag, sloeg de schrik hem om het hart.+ 6 Saul vroeg Jehovah steeds weer om leiding,+ maar Jehovah gaf geen antwoord, niet via dromen, niet via de urim+ en niet via de profeten. 7 Uiteindelijk zei Saul tegen zijn dienaren: ‘Zoek voor mij een vrouw die een medium is,+ zodat ik haar kan raadplegen.’ Zijn dienaren antwoordden: ‘In En-Dor+ is een vrouw die een medium is.’

8 Saul vermomde zich door andere kleren aan te trekken en ging ’s nachts met twee van zijn mannen naar de vrouw toe. Hij zei: ‘Kunt u als medium voor mij de toekomst voorspellen?+ Ik zal zeggen wie u moet oproepen.’ 9 Maar de vrouw zei tegen hem: ‘U weet wat Saul heeft gedaan, dat hij de mediums en de waarzeggers uit het land heeft verwijderd.+ Waarom probeert u me* dan in de val te lokken en me te laten doden?’+ 10 Toen zwoer Saul haar bij Jehovah: ‘Zo zeker als Jehovah leeft, u zult hiervoor niet schuldig worden bevonden!’ 11 De vrouw zei: ‘Wie zal ik voor u oproepen?’ Hij antwoordde: ‘Roep Samuël voor me op.’ 12 Toen de vrouw ‘Samuël’*+ zag, begon ze hard te schreeuwen. Ze zei tegen Saul: ‘Waarom hebt u me bedrogen? U bent Saul!’ 13 De koning zei tegen haar: ‘Je hoeft niet bang te zijn. Vertel me wat je hebt gezien.’ De vrouw antwoordde: ‘Ik zie iemand uit de aarde omhoogkomen die op een god lijkt.’ 14 Hij vroeg meteen: ‘Hoe ziet hij eruit?’ Ze antwoordde: ‘Er verschijnt een oude man die een mantel om heeft.’+ Toen besefte Saul dat het ‘Samuël’ was, en hij viel op zijn knieën en boog diep.

15 ‘Samuël’ zei tegen Saul: ‘Waarom stoor je me door me te laten oproepen?’ Saul antwoordde: ‘Ik heb grote problemen. De Filistijnen voeren oorlog tegen me, en God heeft me in de steek gelaten. Hij geeft me geen antwoord meer, niet via de profeten en ook niet via dromen.+ Daarom heb ik u laten oproepen om te vragen wat ik moet doen.’+

16 Toen zei ‘Samuël’: ‘Waarom raadpleeg je mij nu Jehovah je verlaten heeft+ en je tegenstander geworden is? 17 Jehovah zal doen wat hij via mij heeft voorspeld: Jehovah zal het koningschap van je losscheuren en aan een ander geven, aan David.+ 18 Je hebt Jehovah niet gehoorzaamd en je hebt de Amalekieten niet omgebracht,+ die zich zijn brandende woede op de hals hadden gehaald. Daarom doet Jehovah je dit op deze dag aan. 19 En Jehovah zal Israël samen met jou in handen van de Filistijnen laten vallen,+ en morgen zullen jij+ en je zonen+ bij mij zijn. Jehovah zal ook het leger van Israël aan de Filistijnen overleveren.’+

20 Meteen viel Saul languit op de grond en hij was doodsbang vanwege de woorden van ‘Samuël’. Hij had geen kracht meer omdat hij de hele dag en de hele nacht niets had gegeten. 21 De vrouw ging naar Saul toe en zag dat hij erg van streek was. Ze zei tegen hem: ‘Uw dienares heeft gedaan wat u zei, en ik heb mijn leven op het spel gezet*+ om te doen wat u vroeg. 22 Luister alstublieft naar wat uw dienares te zeggen heeft. Laat me u wat brood geven en eet, zodat u weer een beetje op krachten komt voordat u vertrekt.’ 23 Hij weigerde en zei dat hij niets wilde eten. Maar zijn dienaren en ook de vrouw bleven bij hem aandringen. Uiteindelijk luisterde hij naar hen, stond op van de grond en ging op het bed zitten. 24 De vrouw had een mestkalf in huis. Ze slachtte* het dus snel. Ook nam ze meel, kneedde deeg en bakte ongezuurd brood. 25 Toen zette ze het Saul en zijn dienaren voor. Nadat ze gegeten hadden, stonden ze op en vertrokken terwijl het nog nacht was.+

Nederlandse publicaties (1950-2026)
Afmelden
Inloggen
  • Nederlands
  • Delen
  • Instellingen
  • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacybeleid
  • Privacyinstellingen
  • JW.ORG
  • Inloggen
Delen