4 En wat u betreft, o Da̱niël, maak de woorden geheim en verzegel het boek,+ tot de tijd van [het] einde.*+ Velen zullen her- en derwaarts gaan, en de [ware] kennis* zal overvloedig worden.”+
51 Verder zei hij tot hem: „Voorwaar, voorwaar,* ik zeg ulieden: GIJ zult de hemel geopend zien en de engelen*+ Gods zien opstijgen en neerdalen tot* de Zoon des mensen.”+