14 hoeveel te meer zal dan het bloed van de Christus,+ die door een eeuwige geest zichzelf onbesmet aan God heeft geofferd, ons geweten reinigen van dode werken*+ zodat we heilige dienst voor de levende God kunnen doen?+
22 Laten we God dus naderen met een oprecht hart en een rotsvast geloof, nu ons hart door besprenkeling gezuiverd is van een slecht geweten+ en ons lichaam gewassen is met zuiver water.+