Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g95 8/10 blz. 24-27
  • Rivierblindheid — Het bedwingen van een verschrikkelijke plaag

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Rivierblindheid — Het bedwingen van een verschrikkelijke plaag
  • Ontwaakt! 1995
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Een verschrikkelijke ziekte
  • De strijd tegen het vliegje
  • Eenmaal per jaar een of twee tabletten
  • De vooruitzichten
  • Blindheid uit de rivier
    Ontwaakt! 1980
  • Welke hoop is er voor blinden?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1994
  • Blindheid
    Hulp tot begrip van de bijbel
  • Blindheid
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
Meer weergeven
Ontwaakt! 1995
g95 8/10 blz. 24-27

Rivierblindheid — Het bedwingen van een verschrikkelijke plaag

DOOR ONTWAAKT!-CORRESPONDENT IN NIGERIA

HET tafereel was typerend voor veel dorpen aan rivieren in West-Afrika. Een groepje mensen zat op banken onder een grote boom die hen beschutte tegen de verzengende zon. Vijf van hen — vier mannen en een vrouw — waren totaal en blijvend blind.

„In het oude dorp wist men niet waarom men blind werd”, vertelde het dorpshoofd, die gekleed ging in een loshangend wit gewaad. „De meeste oude mensen daar stierven blind. . . . Zij dachten dat de een of andere duivel zich tegen hen gekeerd had. Zij smeekten hun fetisjen hen te beschermen. Hun voorouders hadden hun geleerd de fetisjen voedsel te geven. Dus doodden zij kippen en schapen als offer. Desondanks bleven zij blind worden.”

Uiteindelijk kwamen er artsen die uitlegden dat de blindheid niet van bovennatuurlijke oorsprong was. Ze was het gevolg van de ziekte onchocerciasis of rivierblindheid, zo genoemd omdat de kleine, stekende vliegjes die de ziekte verspreiden, hun eitjes in snelstromende rivieren leggen.

Gelukkig loopt men rivierblindheid niet zo gemakkelijk op als andere tropische ziekten. Ze vormt geen bedreiging voor stadbewoners noch voor mensen die een kort bezoek aan een besmet gebied brengen. Blindheid treedt pas op na herhaalde infecties in de loop van vele jaren.

Niettemin is rivierblindheid een vreselijke tropische ziekte die het leven van miljoenen verwoest. Hoewel ze ook in sommige gebieden van het Midden-Oosten en Midden- en Zuid-Amerika woedt, zijn de zwaarst getroffenen de mensen die bij van vliegjes vergeven rivieren in equatoriaal Afrika werken en wonen. In sommige dorpen heeft praktisch iedereen de ziekte. Volgens schattingen van het Carter Center in Atlanta (Georgia, VS) lopen ongeveer 126 miljoen mensen de kans besmet te worden. Nog eens 18 miljoen mensen hebben in hun lichaam de parasitaire wormen die rivierblindheid veroorzaken. Het aantal mensen dat reeds geheel of gedeeltelijk van hun gezichtsvermogen beroofd is, wordt op een à twee miljoen geschat.

Nu wordt de eeuwenoude plaag beteugeld door de verenigde inspanningen van de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie) en andere instellingen, samen met de regeringen van verscheidene landen. Ondanks de vijandelijkheden en de uitzichtloze situatie in een groot deel van Afrika is dit een ziektebestrijdingsprogramma dat werkt. Het programma wordt bejubeld als „een van de grote door de geneeskunde en ontwikkelingssamenwerking behaalde triomfen van de twintigste eeuw”.

Een verschrikkelijke ziekte

Rivierblindheid wordt verspreid door enkele soorten van een zwart vliegje (geslacht Simulium). Wanneer een besmette vrouwtjesvlieg een mens steekt, zet ze de larven van een parasitaire worm (Onchocerca volvulus) af. Onder de huid van besmette mensen groeien de larven langzaam uit tot volwassen wormen die wel zestig centimeter lang kunnen zijn.

Alle vrouwelijke wormen beginnen nadat ze bevrucht zijn minuscule wormpjes voort te brengen, de zogenoemde microfilariae; dit blijven ze acht tot twaalf jaar doen, zodat het er miljoenen worden. De microfilariae ontwikkelen zich alleen dan tot volwassen wormen als ze door een vliegje worden opgenomen, zich in het vliegje ontwikkelen en opnieuw aan een mens worden doorgegeven. Deze minuscule, onvolgroeide wormen zwerven overwegend door de huid en kunnen uiteindelijk de ogen binnendringen. In één slachtoffer kunnen wel 200 miljoen wormen huizen. Ze zijn zo talrijk dat bij het stellen van een diagnose kleine stukjes huid voor onderzoek worden verwijderd. Onder een microscoop kan een huidmonster honderden wriemelende microwormen te zien geven.

Deze parasieten kwellen hun menselijke slachtoffers. In de loop van de jaren wordt de huid van de besmette persoon dik en ruw. Vaak verschijnen er plekken zonder pigment. De slachtoffers krijgen wat men welsprekend aanduidt als een krokodillehuid, hagedissehuid of luipaardhuid. De jeuk is intens en drijft sommigen naar verluidt tot zelfdoding. Indien jonge wormen de ogen binnendringen, gaat het gezichtsvermogen na verloop van tijd achteruit en wordt het slachtoffer volslagen blind.

In de arme landelijke gebieden waar het vliegje zich doet gelden, is blindheid een bijzonder zware last. Eén reden daarvoor is dat veel dorpelingen bijgelovig zijn en denken dat blindheid het gevolg is van een goddelijke straf en dat blinde mensen nutteloos zijn in hun gemeenschappen. Een andere reden is dat er geen sociale voorzieningen van overheidswege zijn, zodat de slachtoffers totaal afhankelijk zijn van hun familie. Sata, een vrouwelijk slachtoffer van rivierblindheid in Boerkina Faso, vertelde: „Voor een blinde, of het nu een man of een vrouw betreft, is het lijden gelijk. Als een jonge vrouw blind en ongehuwd is, krijgt ze geen man. Ik trouwde voordat ik blind werd, maar mijn man is gestorven. Mijn broer werd blind toen hij nog jong was en kon dus geen vrouw krijgen. Wij worden allebei onderhouden door onze familie — voedsel, alles. Het is verschrikkelijk.”

In streken waar rivierblindheid veel voorkomt, verlaten mensen vaak hun dorpen, door de vlieg en de ziekte gedwongen tot vluchten. Vruchtbaar land langs het water wordt verwaarloosd en wordt een woestenij. Dat draagt weer bij tot armoede en honger.

De strijd tegen het vliegje

In het begin van de jaren ’70 werd op internationale schaal met pogingen begonnen om rivierblindheid in zeven Westafrikaanse landen te bestrijden. Gewapend met langs biologische weg afbreekbare larviciden (insekticiden die larven doden) zetten zwermen helikopters, vliegtuigjes en trucks een offensief in tegen het vliegje dat de ziekte overbrengt. Het was de bedoeling het vliegje aan te vallen en te doden wanneer het het kwetsbaarst is — in het larvestadium.

Het was niet nodig hele rivieren te vergiftigen. Deskundigen wisten dat de vrouwelijke vliegjes hun eitjes op het water leggen en dat de eitjes zich aan takken en stenen vlak onder de oppervlakte van stroomversnellingen hechten. Slechts snelstromend water voorziet de uitkomende larven van de overvloed aan zuurstof die ze nodig hebben om in leven te blijven. Dit betekende dat de broedplaatsen langs de rivieren beperkt en herkenbaar waren.

Het doel van het bespuiten van de broedplaatsen was niet het vliegje helemaal uit te roeien; dat zou een onmogelijke opgave zijn. Maar deskundigen hoopten dat door het terugdringen van het aantal vliegjes de parasitaire-overdrachtsketen verbroken kon worden. Minder vliegjes zou minder nieuwe besmettingen betekenen. Indien de vliegjes bestreden konden worden totdat de bestaande parasieten in reeds besmette mensen geleidelijk uitgestorven waren, zou er in theorie een tijd aanbreken dat er geen parasieten over zouden zijn. Zou een vliegje iemand steken, dan zou het dus geen parasieten opnemen en die op anderen overbrengen.

Het project was een hele uitdaging. De vliegjes zetten op duizenden moeilijk bereikbare plaatsen eitjes af. Omdat ze honderden kilometers kunnen vliegen, moesten ze ook over een reusachtig gebied bestreden worden. Bovendien zou uitzonderlijke oplettendheid noodzakelijk zijn, daar een verzuim van een maand al een heropleving van de populaties tot gevolg zou kunnen hebben, waarmee jaren van werk tenietgedaan zou zijn.

In het begin van de jaren ’70 besproeiden vliegtuigjes selectief meer dan 19.000 kilometer afgelegen waterwegen. Het resultaat was dat de ziekte in tachtig procent van de besmette gebieden in de deelnemende landen werd uitgeroeid.

Eenmaal per jaar een of twee tabletten

Vanaf 1987 werd er nog een wapen ontwikkeld in de strijd tegen rivierblindheid. Ditmaal werd niet het vliegje aangevallen maar vormden de parasieten in het menselijk lichaam het doelwit. Het wapen was een veilig en effectief geneesmiddel dat ivermectin heet en ontwikkeld werd in de laboratoria van een Amerikaanse farmaceutische onderneming.

Om het voortschrijden van de ziekte een halt toe te roepen, behoeft iemand die besmet is slechts één dosis — een of twee tabletten — per jaar te gebruiken. Ivermectin doodt niet de volwassen parasitaire wormen in het lichaam maar wel de microwormen en remt de voortbrenging door de volwassen worm van meer microfilariae. Daardoor wordt het voortschrijden van de ziekte bij het slachtoffer tot staan gebracht en de overbrenging van de ziekte op anderen vertraagd. Het middel heeft tevens als werking dat het recente laesies in het hoornvlies van het oog ongedaan maakt en voorkomt dat andere verergeren. Oude ooglaesies kan het echter niet herstellen en eenmaal ingetreden blindheid kan het niet verhelpen.

Het probleem was evenwel de distributie — hoe het geneesmiddel bij de mensen te krijgen die het nodig hadden. Grote aantallen mensen die in afgelegen en geïsoleerde dorpen wonen, zijn slechts te voet te bereiken. Het gebruik van een voertuig vergt vaak het kappen van struikgewas of zelfs de bouw van bruggen. Soms worden de problemen bij de distributie nog verergerd door onlusten, gebrek aan geld en de plaatselijke politiek. Niettemin waren er ondanks deze belemmeringen begin 1995 zo’n 31 miljoen ivermectintabletten gedistribueerd, voornamelijk in Afrika.

De vooruitzichten

De afgelopen twintig jaar heeft het Onchocerciasisbestrijdingsproject rivierblindheid bestreden in elf Westafrikaanse landen, een gebied driemaal zo groot als Frankrijk. Wat zijn de resultaten geweest? Volgens cijfers van de WHO is dank zij het gecombineerde gebruik van larviciden en ivermectin de bescherming tot stand gebracht van ruim dertig miljoen mensen die eens door deze aloude en verschrikkelijke plaag bedreigd werden. Meer dan 1,5 miljoen mensen die ernstig met de parasiet geïnfecteerd waren, zijn nu totaal genezen. Bovendien is door de bestrijding van rivierblindheid ook zo’n 25 miljoen hectare bebouwbare grond beschikbaar gekomen voor herbewoning en ontginning — voldoende grond om jaarlijks zo’n zeventien miljoen mensen te voeden.

De oorlog is nog lang niet voorbij. In de Afrikaanse landen waar tegen rivierblindheid is gevochten, woont nog niet de helft van de mensen die door de ziekte bedreigd worden.

De afgelopen jaren zijn de pogingen om de ziekte uit te roeien geïntensiveerd. In slechts twee jaar tijd, van 1992 tot 1994, is het aantal mensen dat met ivermectin is behandeld meer dan verdubbeld, van 5,4 tot 11 miljoen. Tegen eind 1994 hadden ongeveer 32 landen in Afrika, Latijns-Amerika en het Midden-Oosten programma’s voor de behandeling met ivermectin opgezet, waardoor mettertijd misschien wel 24 miljoen mensen behoed zullen zijn voor blindheid.

De Panamerikaanse Gezondheidsorganisatie hoopt tegen het jaar 2002 de ziekte als bedreiging voor de volksgezondheid in Amerika uitgeroeid te hebben. In Afrika is de opgave natuurlijk groter. Niettemin merkt het Kinderfonds van de Verenigde Naties op: „Het is al duidelijk dat voor de nu opgroeiende generatie blindheid niet de angstaanjagende bedreiging voor de toekomst vormt die ze eens was, in een streek waar het verlies van het gezichtsvermogen lang een normaal onderdeel van het oud worden is geweest.”

Het is hartverwarmend te vernemen wat een pogingen er worden gedaan om mensen te helpen die met blindheid worden bedreigd. Tijdens zijn aardse bediening toonde Jezus Christus ook liefdevolle bezorgdheid voor mensen door velen die blind waren via een wonder het gezichtsvermogen terug te geven (Mattheüs 15:30, 31; 21:14). Daarmee werd op kleine schaal getoond wat er onder het koninkrijk Gods op aarde zal gebeuren. Ja, de tijd komt dat niemand door enige vorm van blindheid getroffen zal worden. Gods Woord voorzegt: „In die tijd zullen de ogen der blinden geopend worden.” — Jesaja 35:5.

[Inzet op blz. 25]

„Vroeger werd de blindheid aan geesten geweten. Nu weet men dat het door wormen komt”

[Inzet op blz. 27]

Een of twee tabletten per jaar kunnen rivierblindheid voorkomen

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen