GEZALFDE CHRISTENEN
(Zie ook Christelijke gemeente; Geestelijk Israël; 144.000; Kleine kudde; Nieuwe verbond; Overblijfsel; Zalving)
(Neem nota van kopje: Hemels leven)
aanneming als zonen door Jehovah: it-1 13-14; it-2 699, 1379-1380; w15 15/1 16-17; w09 1/4 10-11; w05 1/12 29; w87 1/1 21-22; w86 15/7 15
aantal: re 116-118
meeste in recente tijden uitgekozen: w20.04 6
wanneer voltallig: w08 15/1 22-23; w07 1/5 30-31; w07 15/8 19; re 125; w00 1/9 22; w96 15/8 30-31; w92 1/3 20-21; ws 49-50
afgeschaduwd door —
Isaäk (Ga 3:16, 29; 4:29-31): it-1 1163; ip-2 219
Jesaja (Jes 8:18; 61:1, 2; Lu 4:16-21; Heb 2:13, 14): ip-1 100; w87 15/10 19
Jesaja’s zonen (Jes 8:18; Heb 2:13): w15 15/3 17; ip-2 407; ip-1 112-113, 116
afgezonderdheid: it-1 882; w89 1/6 11-13, 15
bespreking: w20.01 20-31; w16.01 17-26; w08 15/1 20-24; w98 15/2 12-17; w95 1/7 9-14
besturende lichaam van gezalfden: it-1 782-783; w10 15/9 13; w07 1/4 23-24
bijeenvergadering: w07 1/1 24; w94 1/1 3
Mattheüs 24:31; Markus 13:27: w25.01 24; ijwbq artikel 115; w20.01 30; w19.10 17-18; w16.01 26; w15 15/7 18-19; kr 227-228; w13 15/7 5; w94 15/2 21
Efeziërs 1:10: w25.01 24; it-1 1021; w06 15/2 21-24; wt 186
‘gave aan Jehovah’ (Jes 66:20): ip-2 408-410
oogst van tarwe (Mt 13): w10 15/3 21-22; w10 15/6 5; ws 68
‘boekrol des levens van het Lam’ (Opb 13:8; 21:27): it-2 185, 386; w09 15/2 3; re 192, 310
broeders van Christus (Mt 25:40; Heb 2:11, 12, 17): it-1 782; jy 265; w15 15/3 26-27; w11 15/5 26-27; w07 15/4 21; w95 15/10 24-25; gt hoofdstuk 111; w90 15/5 9
bruid van Christus: it-1 1124
laat uitnodiging horen voor water des levens: w15 15/3 28-29; w10 15/2 15-16; re 318; w98 15/2 19; w90 15/12 10-15; ws 111-112
maagd: it-2 231, 1216; w09 15/2 24; re 201-202; w89 1/6 12-13
naam ‘christenen’ passend: it-1 415
verloving: it-2 1109
voorbeeld voor echtgenotes: w05 1/3 16
waarde van Hooglied voor: it-1 1089
‘zich gereedgemaakt’ (Opb 19:7): re 276-277
communicatiekanaal (vroegere geloofsopvatting): w13 15/7 18-20; w07 1/1 27-28; re 16-17, 21, 125; w94 1/10 8; w86 15/5 12-13
dienaren: it-1 500-501
‘dingen in de hemelen’ (Kol 1:20): w09 15/1 28
dood van leden:
‘met de bijl ter dood gebracht’ (Opb 20:4): re 289
offerandelijk: w06 15/2 23-24; re 100, 289
‘zielen van hen die geslacht waren’ (Opb 6:9-11): w07 1/1 29-30; re 100-103
doop in Christus: ijwbq artikel 110; w20.12 14; it-1 521; w08 15/6 29-30
doop in Christus’ dood: ijwbq artikel 110; w20.12 14; it-1 515, 521-522; w08 15/6 30; w06 15/2 23-24; rs 98-99
doop in of met heilige geest: ijwbq artikel 110; w92 1/2 13-14
eenheid: w86 15/2 12; w86 15/7 14-15
‘een uitverkoren geslacht’ (1Pe 2:9): w95 1/11 30
‘eerstelingen’ (Jak 1:18; Opb 14:4): it-1 578; it-2 614; w07 1/1 22; w97 15/11 11
‘eerstgeborenen’ (Heb 12:23): it-1 580
engelen, steun van: it-1 633
fundament-hoeksteen:
Jezus Christus: it-1 781, 1063; it-2 755-756; w07 15/4 21; g89 8/2 10
‘rots’ (Mt 16:18): it-2 755-756; w15 1/12 12-14; ia 191; w10 1/1 26, 28; w07 15/4 21; rs 43-45
fundamentstenen:
apostelen: it-1 781
‘gave aan Jehovah’ (Jes 66:20): ip-2 408-410
gebeden:
gesymboliseerd door reukwerk (Ex 30:34-38; Opb 5:8; 8:3, 4): it-2 717; re 85, 87, 129-131; w96 1/7 18
gesymboliseerd door stem vanuit gouden altaar (Opb 9:13): re 148
gebruiken van symbolen tijdens Gedachtenisviering: w22.01 21; it-1 200-201; w10 15/3 27; w06 15/2 23-24; bh 207-208; w04 15/3 5-6; w02 1/2 20; w98 15/2 16, 22; w93 15/3 6-7; w90 15/2 18-20; rs 154-155; w88 1/2 30-31; w86 15/2 14-15, 20
betekenis van aantal wereldwijd: w20.01 29-31; w16.01 25-26; w11 15/8 22; w06 15/2 16-20; re 125; w95 15/2 19-20; jv 501; w88 1/2 30-31
niet alleen de apostelen: it-1 201
regelingen in geval van ziekte: w03 15/3 31; km 4/00 4
geestelijke Israëlieten: it-1 782; re 117-119; w95 1/7 11-13; jv 141; w92 15/4 9-10; si 24-25
‘Israël Gods’ (Ga 6:16): it-1 1174; w95 1/7 11-12; jv 141; rs 241
geestelijke tempel: w23.10 25; it-1 378, 583, 1063; it-2 1009; w10 15/7 22; w07 1/4 24; w06 1/11 24
geestelijk voedsel voor gezalfden: it-1 783; w96 1/7 17-18
gelouterd: kr 22-23; jd 180-182; re 308
gemeente van God: it-1 781-784; w07 15/4 21-22, 25-29; pe 125-126
Jezus inbegrepen in sommige Bijbelteksten: it-1 782
wanneer ontstaan: bt 21; it-1 781
‘geslacht’ dat hele teken ziet (Mt 24:34): w14 15/1 31; kr 11-12; w10 15/4 10; w10 15/6 5; w08 15/2 23-24; w08 15/4 29
tabellen: mwb18.03 5; kr 12
gesymboliseerd door —
degenen die worden meegenomen en anderen die worden achtergelaten (Mt 24:40, 41): w24.09 24-25
drie slaven die talenten kregen (Mt 25): w24.09 22-25
schapen in schaapskooi (Jo 10): jy 186; w95 1/2 9-10; w95 15/5 24
tarwe (Mt 13): w13 15/7 9-14; w10 15/3 19-23; w10 15/4 12
tien maagden (Mt 25): w24.09 21-22, 25; jy 260-261; w15 15/3 13; gt hoofdstuk 111; w90 15/4 8-9; ws 39-40
tien slaven die minen ontvingen (Lu 19): mwb18.08 4; jy 232; gt hoofdstuk 100; w89 1/10 8-9
‘voorwerpen van barmhartigheid’ (Ro 9:23, 24): cl 288-289; wt 63-65
vrouw die opstaat en licht verspreidt (Jes 60): w24.07 30-31
zeven lampenstandaarden (Opb 1-3): it-2 153; re 28-29, 32-73
getrouwde gezalfden:
gevoelens huwelijkspartner: w20.01 29; w16.01 25
‘getrouwe en beleidvolle slaaf’ leidt gezalfden: lff les 54; w20.01 31; it-1 816-817; jl les 19; w16.01 26; jy 182; kr 130; w13 15/7 21-22; w10 15/9 26; w09 15/6 21-22; w07 1/11 30; re 31-32, 201; w05 15/9 22; w04 1/3 8-10; wt 130-131; w98 15/3 20; kl 160-161; w93 15/8 10; jv 142-143, 146; w92 1/12 13-14; gt hoofdstuk 78; w90 15/3 10-16; w88 1/10 9; w87 1/5 15; w87 1/8 16-17; je 9
gevangenschap aan Babylon de Grote: rr 97-98, 106; w17.06 3; w16.03 29-30; w16.11 21-30; ip-2 240-241; w96 15/2 13-15; w89 1/5 3-4
bevrijding uit: rr 102-103; w16.11 30; re 148-149, 209, 260; w97 1/5 19-20; w89 1/5 4-5
gevormd door Jehovah: w99 1/2 15-19
gezanten: scl 86; it-1 830; lvs 61-62; lv 51-52; w02 1/11 16-17; w90 15/3 13; ws 58, 60, 64, 67-68
Griekse Geschriften voornamelijk geschreven voor gezalfden: w08 15/1 22
heidenen toegelaten: bt 69-73; it-1 447, 1005, 1157; it-2 660; lfb 226-227; w06 15/2 19; w02 1/3 17-18; w95 1/7 11-12; g90 8/7 13; w89 1/1 11
Amos voorspelt (Am 9:11, 12): bt 109; w12 15/1 5; si 150
illustratie van olijfboom (Ro 11): it-1 635; it-2 408, 464-465, 985; w11 15/5 22-25; w00 15/5 28-29
verhouding tot Joodse christenen: it-2 843; si 206-207
heilige geest werkzaam in gezalfden: w20.01 28; w16.01 23-24; w07 1/5 31; w96 15/6 31; w95 1/7 10
‘getuigt met onze geest’ (Ro 8:16): w20.01 22; it-2 1380; w16.01 19; w91 15/3 19-20
heilige geheim omvat ook gezalfden: it-1 1005; w06 15/2 19-20
‘heiligen’: it-1 1000, 1009-1010; w02 15/9 4, 6-7
heiligheid vereist: it-1 1010; w89 1/6 11
heiliging: it-1 1012-1013
hoop: w23.12 9-10; w21.01 18; w12 15/3 21-22
houding t.o.v. —:
Avondmaal: w22.01 21
roeping: w20.01 22-23, 27-28; w16.01 20, 23-24; w11 15/9 11-12; w09 15/6 23-24; w07 1/5 31
houding van anderen t.o.v. gezalfden: w20.01 28-29; w20.12 30; w16.01 24-25; w09 15/6 23-24
huisknechten: it-1 816-817; w13 15/7 23-24; w09 15/6 21; re 201; w90 15/3 10-11
‘in de hemelse gewesten’ op aarde (Ef 1:3; 2:6): it-1 1024; w15 15/8 13; w08 15/8 27; w06 15/2 21
innerlijk conflict tussen Gods wet en wet van de zonde: it-2 293-294, 699; w11 15/11 11
Jehovah Koning van gezalfden: w98 1/2 16-17
Jehovah’s bemoeienissen met gezalfden:
contrast met natuurlijke Israël: it-1 1230-1231
Jehovah’s leiding: w09 15/2 24-25; w86 15/7 10-15
Jehovah’s liefde voor gezalfden: w24.01 28
Jehovah’s vertrouwen in gezalfden: w09 15/2 24-26
Jezus’ relatie tot gezalfden:
fundament-hoeksteen: it-1 781; g89 8/2 10
hoofd: it-1 781, 1084; re 33; si 227
Jezus’ gebruik van heilige geest: it-1 754-755
Jezus’ vertrouwen in gezalfden: w09 15/2 26-27
‘sterren in Jezus’ rechterhand’ (Opb 1:16, 20; 3:1): re 28-29, 54-55, 136
voorbeeld voor gezalfden (Ro 8:29): it-1 250
Joden kregen als eersten de gelegenheid:
illustratie van bruiloftsfeest (Mt 22): jy 248-249; gt hoofdstuk 107; w90 15/1 8-9
illustratie van grote avondmaaltijd (Lu 14): jy 194-195; gt hoofdstuk 83; w88 15/12 8-9
‘zonen van het koninkrijk’ (Mt 8:12): gt hoofdstuk 36; w86 1/12 9
jubeljaar voor gezalfden: it-1 1355; w04 15/7 26-27; w87 1/1 21-22, 24-25
‘kinderen’ (nageslacht) van gezalfden (Jes 59:21): ip-2 300-302
kinderen van God: w95 1/7 10-11; w86 15/7 15-20
‘kleine kudde’ (Lu 12:32): w95 15/2 18-22; g95 8/1 27
‘koninkrijk van de Zoon van zijn liefde’ (Kol 1:13): it-2 98; w02 1/10 18; w90 15/3 15; pe 136; rs 249
lichaam van Christus: it-2 196
onderlinge afhankelijkheid: it-1 827; w02 15/11 9
moeten trouw blijven: w20.01 22; w16.01 19, 23; w12 15/3 21
nageslacht van Abraham: cl 197; w22.07 16; it-2 1302; w10 15/4 9; w08 15/1 20-21; w98 1/2 14-15; w95 1/7 11; w89 1/2 12, 17-19; ws 77-79, 86-87, 107
zegeningen door het verbond met Abraham: w98 1/2 14-20; ws 85-87
nageslacht van Gods vrouw: it-2 1302-1303; w06 15/2 18; re 11-12, 31-32, 185-186
‘zonen’ van ‘blijde moeder’ (Ps 113:9): w92 15/11 10
namen in het boek van het leven: w22.09 15-16
nederigheid: w20.01 28; w16.01 23-24
trekken niet de aandacht omdat ze gezalfd zijn: w20.01 28; w16.01 24; w91 15/3 22
neutraliteit: w90 1/7 23-25
niet alle namen bekend terwijl ze nog op aarde zijn: w16.01 23
nieuwe natie: it-2 407; w14 15/11 23-24, 26; w10 15/3 24; re 183-184
‘nieuwe schepping’ (2Kor 5:17; Ga 6:15): it-2 827; w93 1/1 5-6; g88 8/2 26-27; w87 1/3 27; w87 15/4 6-7
nieuwe verbond: w24.12 11; it-2 1095, 1379; w12 15/1 29; jr 175-176; w03 15/2 22; w98 1/2 13-18; w98 15/2 16; w95 1/7 12-13; w91 15/2 17-18; w91 15/3 20; w89 1/2 17-19; ws 99-120
‘dienaren van’ (2Kor 3:6): si 215; w90 15/7 14; ws 108-112
inwijding: w20.07 31; it-1 1154; it-2 320, 337, 613-614, 646; w16.01 21; w89 1/2 31; ws 102
Middelaar: it-2 320, 337; w89 15/8 30-31; w86 15/2 14-15; ws 10-11, 101, 106
of sommigen de grote verdrukking op aarde zullen overleven: w13 15/7 5; w07 1/1 30-31; w97 15/5 19-20; w90 15/8 30-31; w90 15/12 30; rs 323-324
‘onderpand’ ontvangen (2Kor 1:22): w16.04 32
oordeel van gezalfden: it-2 517; re 31-32, 260, 284
oorlogvoering niet vleselijk: w90 1/7 23-25
opgedragen aan Jehovah: w06 1/7 24-25; w98 15/3 12-14
‘opnieuw geboren’ (wedergeboren) (Jo 3:3, 7): ijwbq artikel 107; w20.01 22-23; it-2 487; w16.01 19-20; w09 1/4 3-12; w98 1/2 17; w98 15/2 13-16; w96 1/7 16-17; w95 1/7 9-11; w92 1/2 14; w92 15/11 3-6; rs 418-420; g88 8/2 26-27
bewijs: w98 15/2 13-16
‘nieuwe geboorte’ (1Pe 1:3, 23): it-2 1304; w16.01 20
‘onvergankelijk wedervoortbrengend zaad’ (1Pe 1:23): it-2 1304
‘uit God geboren’ (1Jo 3:9): w98 15/2 13
‘uit water en geest’ (Jo 3:5): ijwbq artikel 107; it-1 731; it-2 1240; jy 44; w09 1/4 8-9; gt hoofdstuk 17
opstanding (figuurlijke):
‘uit de dood tot het leven overgegaan’ (Jo 5:24; 1Jo 3:14): it-2 521
opzieners:
‘engelen’, ‘sterren’: w10 15/9 27; re 28-29, 33, 55, 136; w89 1/4 11-12
organisatie: it-1 782-784
overeenkomst met Israël: it-1 783-784
overwinnaars: re 36-37, 288-289, 304-305
beloningen voor gezalfden: re 36-39, 45-47, 52-53, 56-58, 64-65, 72-73, 304
‘de geroepenen en uitverkorenen en getrouwen’ (Opb 17:14): w15 15/7 19; w07 1/1 27; re 255-256; w98 15/2 16-17
van Satan: re 182-183
‘poorten van Hades’ zullen gezalfden niet overweldigen (Mt 16:18): it-1 912; it-2 627
predikingswerk: w15 15/3 27; w05 15/12 27; w92 1/6 15-16
priesters: it-1 1003, 1078; it-2 646-647, 993-994; w11 15/9 11-12; re 76-77, 79, 85, 87; w96 1/7 16; w95 1/7 23-24; g93 8/10 27; si 30
aardse voorhoven van geestelijke tempel: it-1 1003; re 64; w02 1/5 31; w96 1/7 16
heilige van geestelijke tempel: w23.10 28; w96 1/7 16-18
‘koninklijke priesterschap’ (1Pe 2:9): it-1 1003; w12 15/1 29; w02 1/8 13; w98 1/2 17; w95 1/7 18-19
‘priesters van Jehovah’ (Jes 61:6): ip-2 328-329
‘staan aan de glazen zee’ (Opb 15:2): it-1 763; re 216-217
rechtvaardig verklaard: w25.02 7; it-2 698-700; w11 15/6 14; w08 15/1 21-22; w96 1/7 16; w95 15/2 10
reinheid: w14 15/11 9; w99 1/3 15; w89 1/6 11-15, 19
relatie tot —
God en Christus: w86 15/2 12-15
Jehovah: it-1 24; w15 15/1 16-17; w15 15/8 13; w86 15/2 12-15
Jehovah’s vrouw: w24.07 30-31; ip-2 223-224
Jezus Christus: w06 15/11 20; w98 15/12 17; w95 1/7 11, 13-14; w86 15/2 12-15
roeping:
een uitnodiging: w16.01 18-21, 23
niet afhankelijk van persoonlijk verlangen: w09 15/6 23; jv 162
wanneer geëindigd?: w08 15/1 22-23; w07 1/5 30-31; w07 15/8 19
rol in relatie tot het Koninkrijk: scl 86
slaven: re 15-16, 312-313; gt hoofdstuk 78; w88 1/10 9; w87 1/2 17-18; w87 1/8 16; ws 57-58, 62-63, 66-67
‘slaven van onze God’ (Opb 7:3): w95 1/2 9-10
theocratie: w94 15/1 13-15
‘tijdelijke inwoners’ (1Pe 1:1; 2:11): w12 15/12 19
tijdens eeuwen van afval: od 17-18; w13 15/7 10; w12 15/1 7-8; w12 15/4 32; w10 15/3 21; re 31, 57; jv 44
tijdens grote verdrukking:
gelegenheid voor mensen om kant te kiezen van: w24.05 11
uitkiezen van: w20.01 30-31; w20.04 6; it-1 782; w16.01 26; rs 168
illustratie van gasten bij bruiloftsfeest (Mt 22): jy 248-249; gt hoofdstuk 107; w90 15/1 8-9
illustratie van gasten bij feestmaal (Lu 14): jy 194-195; gt hoofdstuk 83; w88 15/12 8-9
uitwerking van immoraliteit door een gezalfde christen: it-2 661-662
verbond met Jezus voor een Koninkrijk (Lu 22:29, 30): cl 197; it-2 1096; jy 272; w14 15/10 16-17; w09 15/2 26; w06 15/2 22; w03 15/2 22; w98 1/2 17-18; w98 15/2 16; w91 15/3 20; gt hoofdstuk 115; w90 15/7 9; w89 1/2 19-20
verbond van Jehovah (Jes 59:21): ip-2 300-302
vereisten: it-2 97-98
vereisten niet hoger dan die voor ‘andere schapen’: w89 1/12 16
verheugen zich in vrede: w87 15/3 11-12
vervangingen: w08 15/1 23; w07 1/5 30-31; w03 15/2 20; w98 15/2 20; w92 1/3 20
verzegeling: w20.01 21; it-2 1331; w16.01 18, 23; w16.04 32; w15 15/3 15; w13 15/11 13; w10 15/9 28; w07 1/1 30-31; re 113, 115-119, 276-277; w92 1/2 14
‘volk voor [Jehovah’s] naam’ (Han 15:14): w14 15/11 24-25; w14 15/12 16; w13 15/3 27-28
voorbereid op geboorte van Koninkrijk: kr 13-19, 21, 28-29
voorbestemd: it-2 1192-1193; w09 15/10 27-28; w08 15/8 27; w08 15/9 30; w06 1/6 24; w05 15/1 6; w02 15/6 5; w95 15/2 7; rs 315
voordelen voor mensheid: it-2 646-647; w12 15/1 30
vormen geen elitegroep: w20.01 28; w16.01 24
vreugde in Koninkrijkshoop: w91 15/12 8
uitspraak van F.W. Franz: w23.12 9-10; jv 716
vrouwen: it-2 1213; w91 1/7 19
‘wassen hun gewaden’ (Opb 22:14): w18.09 20; re 316-317
werking van losprijs t.a.v. gezalfden: w97 1/2 13
eerst aangewend voor gezalfden: w91 15/2 17-18; rs 279
zalving: w20.01 20-23, 25; it-1 755, 830; w16.01 18; w02 1/2 20; ip-2 322; w96 1/7 16; w86 15/7 14; w86 15/8 21
als groep: it-1 830
hoe iemand het weet: w20.01 22-23; w16.01 19-21; w15 15/1 16-17; w09 15/6 22-23; w04 15/3 6; w03 15/2 19, 21-22; w02 1/2 20; w98 15/2 13-16; w91 15/3 19-22; w90 15/2 19-20
niet hetzelfde als geleid worden door heilige geest: w20.01 23, 25; w16.01 21; w11 15/12 25
uitwerking op gemeente: it-1 755-756, 830
Hemels leven
‘andere schapen’ zullen misschien namen te weten komen van: w20.01 26; w16.01 26; w06 15/7 12; w89 15/8 20
bespreking: wp16.6 6-7
‘bomen des levens’ voor (Opb 2, 22): it-2 184
‘eten van de boom des levens’ (Opb 2:7): it-2 568; re 36-37; w03 15/5 11
gaan ‘naar de bomen des levens’ (Opb 22:14): re 316-317
bruid van Christus: ijwbq artikel 145; w22.05 17; it-2 435-436; w10 15/7 5; w07 15/2 13; re 301
‘bruiloft van het Lam’ (Opb 19:7-9): w22.05 17; it-1 1124; it-2 517; w15 15/7 19; w14 15/2 8-12; re 275-278; w90 15/8 31; w89 1/7 23-28; ws 96-97
erfenis: it-1 640; w00 1/9 21-22
beërven aarde: w09 15/2 7; w08 15/5 3; w06 15/8 6; w04 1/11 11; w86 1/1 31
gesymboliseerd door —
Elia en Mozes, in transfiguratievisioen (Mt 17; Mr 9; Lu 9): w05 15/1 16-17; w97 15/5 12-13; w97 15/8 31
‘koningsdochter’ (Ps 45:13): w06 1/6 8
‘goddelijke natuur’ (2Pe 1:4): it-1 856; it-2 408
heerlijkheid: w98 15/2 12-13; w97 15/5 12, 14
Jehovah’s onverdiende goedheid: w16.07 29
Jezus’ belofte ‘een plaats te bereiden’ (Jo 14:2): kr 35-36; w10 1/2 6; w09 15/8 11; w08 15/4 32
koningen: w22.12 11; lff les 31; it-1 1000; bhs 84-86; fg 14-15; w10 1/4 8; w06 15/2 19-20; w06 15/7 5; re 72-73, 77, 81, 87-88, 199-200, 309-310; bh 78-79; wt 95; w00 15/10 12; w95 1/7 10-11; pe 123-125
‘1000 jaar lang’ (Opb 20:4, 6): it-2 646; re 288-289, 291
eigenschappen: cl 198; it-1 1292; w07 15/8 29
geen koningen op aarde: w08 15/1 22
gereedmaken van toekomstige: tp 64-66
‘koningen der aarde’ (Opb 21:24): re 309-310
koning-priester: w12 15/1 26-30; w11 15/5 22-23; jr 175-176; w89 1/2 18-20
‘tot in alle eeuwigheid’ (Opb 22:5): w12 15/1 30; re 313
‘leven in zichzelf’ (Jo 6:53): w08 15/4 30-31; w03 15/9 30-31; w86 15/2 19
lichamen: it-2 195; w07 1/1 27; w00 15/7 18-19; rs 328-329
nederigheid: it-1 1292
nieuwe hemelen: it-1 1020-1021; w10 15/7 5; re 301; ip-2 381-382; w00 15/4 11
Nieuwe Jeruzalem: ijwbq artikel 145; w24.07 31; w22.05 17-18; it-1 1260; it-2 435-436; w10 15/7 5; re 301; w95 1/7 13; ws 92-93, 95-97
onsterfelijkheid: it-2 485, 488; w09 15/2 25; w06 1/10 5-6; w98 1/7 20; w90 1/5 27
‘verborgen manna’ (Opb 2:17): it-2 255; re 45-46; w03 15/5 14; w99 15/8 28
onverderfelijkheid: it-2 488; w09 15/2 25; w98 1/7 20
opstanding: w20.12 5-6, 8-13; it-2 488, 516-518, 520-521, 1303, 1307; w17.12 11-12; bhs 79-80; wp16.6 6-7; w15 15/7 18-19; w15 1/8 5-6; kr 227-228; w13 15/7 5; w08 15/1 23-24; w07 1/1 25-31; w06 15/3 6; re 102-104, 211, 289-290; w05 1/5 10; bh 73-74; lr 190-191; wt 83-84; w00 15/7 18-19; w98 1/7 14-21; ie 27; w97 15/5 19-20; w96 15/10 6; w95 15/2 21-22; w95 15/5 5-6; kl 88; w93 15/1 4-6; w93 1/5 13-14; w90 1/5 27; pe 172-173; rs 320-325, 328-329; w88 15/10 12; w87 1/7 21; w86 15/2 19; w86 1/10 14; Lmn 20
begin: w16.10 24; w09 15/1 31; w07 1/1 27-30; re 103
bijeenvergadering (Mt 24:31; Mr 13:27): ijwbq artikel 115; w20.01 30; w19.10 17-18; rr 198-199; w16.01 26; w15 15/7 18-19; kr 227-228; w13 15/7 5; w94 15/2 21
‘deel in de vreugde van je meester’ (Mt 25:21, 23): w24.09 22-23
denarius uitbetaald aan werkers in wijngaard (Mt 20): w24.09 24
ingang in hemel: w12 15/3 21-22
‘in wolken weggerukt’ (1Th 4:17): w15 15/7 18-19; w08 15/9 29; rs 320-325
leiding voor ‘andere schapen’ na: w24.02 2-7; w19.10 18
met vreugde ontvangen: w12 15/3 22
wanneer laatsten verheerlijkt zullen worden: kr 227-228; w07 1/1 30-31; w97 15/5 19-20
priesters: it-1 1078; it-2 646-647; w11 15/9 11-12; g93 8/10 27; si 30
24 oudere personen: re 76-77, 79, 85, 87-88
Ezechiëls tempelvisioen (Ez 40-48): w99 1/3 21-22
‘koninklijke priesterschap’ (1Pe 2:9): it-1 1003; it-2 646-647; w12 15/1 26-30; w89 1/2 18-19
‘koninkrijk van priesters’ (Ex 19:6): cl 196-197; it-2 646-647; jr 175-176; re 87-88; w95 1/7 19; w89 1/2 18-19
‘priesters van Jehovah’ (Jes 61:6): ip-2 328-329; w95 1/7 23-24
‘van God en van de Christus’ (Opb 20:6): re 291
verantwoordelijkheden t.o.v. mensheid: it-2 1179
vergeleken met Israëlitische priesters: it-2 646
wie voordeel trekken van: it-1 1078
rechters: it-2 498; w08 15/1 20-21
‘hun werd macht gegeven om te oordelen’ (Opb 20:4): re 288-289, 291; pe 175-176
zullen ‘de 12 stammen van Israël oordelen’ (Mt 19:28; Lu 22:30): it-2 931; w11 15/9 11; w10 15/3 24-25; w08 15/1 30; w87 1/3 27-29
rol in Armageddon: w24.02 7; w19.09 13; rr 198-199; re 52-53, 281; w90 15/8 31
rol na Millennium: w12 15/1 30; wt 100
‘tot volmaaktheid gebracht’ (Fil 3:12; Heb 11:40; 12:23): it-2 1178
voorrechten: ijwbq artikel 116; w10 1/2 6; w95 1/7 13-14
‘velen tot rechtvaardigheid brengen’ (Da 12:3): w22.09 22
welke stappen betrokken zijn bij: it-1 1024-1025
zonen van God: it-2 1379-1380; w95 1/7 10-11; w86 1/11 31
‘tot heerlijkheid gebracht’ (Heb 2:10): w98 15/2 12-13, 19
‘worden geopenbaard’ (Ro 8:19): mwb19.02 5; w12 15/3 23; w12 15/7 11; w99 1/5 5-7; w98 15/9 19