17 En gijlieden zult moeten weten dat ik Jehovah, UW God, ben,+ die verblijf houdt op Si̱on, mijn heilige berg.+ En Jeru̱zalem moet een heilige plaats worden;+ en wat vreemden betreft, zij zullen er niet meer doortrekken.+
8 En ik zal hen stellig hierheen brengen, en zij moeten in het midden van Jeru̱zalem verblijven;+ en zij moeten mijn volk worden,+ en ikzelf zal hun God worden* in waarachtigheid en in rechtvaardigheid.’”+